Vandaag is het nieuwe fietsenrek erop gekomen. Ik ben vanmorgen om acht uur de deur uitgegaan. Ik zou om negen uur in Culemborg zijn, bij Buscamper Nederland, weet u nog wel. Joke zou ook mee, maar ik voelde er niets voor om twee keer op een dag op en neer te gaan en het was mij te koud om iets anders te ondernemen. Dat betekende dus een hele tas vol, fototoestel, schrijfpapier, laptop, leesboek en niet te vergeten het boterhamtrommeltje. En gemakshalve heb ik mijn vouwfietsje in de bus gedaan. Een gewone fiets kon natuurlijk niet zomaar mee!
Ik had op de laptop een Sudoku programmaatje gezet en heb een uurtje of wat geoefend op het niveau 'Expert'. Op het laatst word je er hartstikke gaar van. In het begin van de middag heb ik een uurtje door Culemborg zelf gefietst en bij de pont en de spoorbrug gekeken. Ik was even vergeten dat het fietsje weer terug mee moest in de bus dus het idee om even buiten de gebaande paden te gaan trappen was misschien niet zo'n goed idee. Het hele geval zat onder de blubber.
Toen ik terug kwam begon de operatie toch al enigszins op te schieten, hoewel een weigerend lampje toch voor wat hoofdbrekens zorgde. Niet bij mij, want ik ga niet hun werk staan doen.
Een paar kleinigheidjes die niets met het fietsenrek te maken hadden werden bij wijze van service ook nog even gerepareerd of opgefrist.
Al met al zit het er keurig op en lijkt aan alle verwachtingen te voldoen. De afgelopen maanden waren er nog een paar verbeterpuntjes aangebracht aan de constructie, zoals een andere scharnierpen, een betere manier om de verlichting te verstellen als je het rek opklapt en de rubbertjes op het ijzerwerk om de opgeklapte beugel tegen te laten rusten.
Morgen eens kijken hoe de fietsen erop gaan. Ik heb er veel vertrouwen in omdat het rek wat robuuster en ruimer is. Dan maak ik ook even een fotootje of zo.
vrijdag 30 januari 2009
zondag 18 januari 2009
Rome (3)
We hebben gisteren eens huisgehouden bij de ANWB. We hebben nieuwe kampeergidsen gekocht, recente overzichten met camperplaatsen in heel Europa, wat boekjes met landeninformatie, en wegenkaarten van alle landen waar we doorheen komen. Kaarten hebben we eigenlijk altijd wel bij ons. Je hebt een beter overzicht van landen, routes en afstanden.Tegenwoordig vertrouw je erg op routeplanners en navigatieapparaten, maar ik heb toch ook wel graag iets in mijn handen. En we hebben het weleens meegemaakt dat onze Tomtom de geest gaf, precies op het moment dat we Bretange in reden. We kwamen er vervolgens meteen achter dat we alle wegenkaarten bij ons hadden behalve noord-Frankrijk.
Met onze reis naar Sint-Petersburg hadden we ervaren dat je vooraf erg gericht bent op het bereiken van je doel, maar dat je de details van de terugreis een beetje verwaarloost. Deze reis gaat naar Rome, Napels en Pompeii. Dan steken we over met de boot vanaf Bari. We hebben deze keer heel bewust gezocht naar spulletjes na die overtocht, dus van Kroatië en Slovenië, Oostenrijk en zelfs nog een stukje Zwitserland en zuid-Duitsland. We hebben kaarten en allerlei boekjes. Als we daar zijn hebben we evengoed nog een maand voor de boeg.
Dan hebben we ook nog het verschijnsel "Autobahnvignet". Voor Zwitserland heb je een vignet nodig van een jaar. In Slovenië (half jaar) heb je er eentje nodig en in Oostenrijk (tien dagen) ook. Nou is het niet de bedoeling dat we over de snelweg gaan rijden, maar per ongeluk kan je er maar zo op terecht komen. Dat hebben we ooit in Genève al eens ontdekt, en dat terwijl we helemaal niet op de snelweg wilden rijden, we helemaal niet in Genève wilden komen en al helemaal niet in Zwitserland. Misschien kopen we Zwitserland nog wel voor vertrek. Slovenië zien we nog wel. Oostenrijk moeten we ter plaatse kopen, want daarvan weten we nog geen doorreis-datums als we vetrekken.
donderdag 15 januari 2009
Fietsen (5 update)
Het fietsenrek is verkocht. Eigenlijk al binnen een half uur nadat ik de advertentie had gezet, maar vanmorgen is het opgehaald.
woensdag 14 januari 2009
Fietsen (5)
Ik heb de fietsendrager (Fiamma Carry-Bike 200 DJ) van de auto afgehaald. Hij staat nu te koop op Marktplaats voor € 100,-. Als je bedenkt dat we er nog geen anderhalf jaar iets van € 250,- of meer voor hebben betaald is dat niets te veel. Intussen heb ik geleerd dat mensen die reageren meestal heel veel lager bieden, dus die 100 euries zal het rek misschien wel niet opbrengen.
Enfin, we zien wel. Als u soms interesse heeft ...
Enfin, we zien wel. Als u soms interesse heeft ...
woensdag 7 januari 2009
Rome (2)
De Nieuwe plannen 2009 beginnen heel voorzichtig vorm te krijgen. Eén van de hoogtepunten is Rome, maar we hebben intussen een heel rijtje met hoogtepunten. Gemakshalve noemen we onze reis toch maar 'Rome'.
Een groot knelpunt is de oversteek van Italië naar Dubrovnik. We hadden al een ferry gevonden die pas vaart vanaf juni of zo en dat wordt te laat. Onze reis moet rond 15 juni aan z'n eind komen. Met het voorgenomen tempo gaan we dat vanuit Dubrovnik niet meer redden. Met wat gezoek zijn we terecht gekomen bij Jadrolinija, die vertrekt vanuit Bari. Dat ligt aan de oostkust op de hoogte van Pompeii, dat we natuurlijk ook willen bezoeken.

Zo op het plaatje zijn het in elk geval keurige boten. We konden er eerst niet achter komen of je ook met de auto kunt oversteken. Dat ligt wel voor de hand, maar het is toch een probleem als het niet blijkt te kunnen. Dan moet je bijna dezelfde route terug door Italië. Helemaal waar is dat natuurlijk niet, maar zo voelt het wel. Maar gelukkig blijkt dit een car-ferry te zijn. Dat gaat nog aardig lukken.
Het blijft nog even een vraag of je van tevoren moet reserveren. Dat lijkt me niks, maar het risico is dat je een paar dagen moet wachten op de volgende overtocht. Maar misschien valt dat een weekje in het vooruit al in te schatten en is dat al ruim genoeg. We zien dat later wel.
Een groot knelpunt is de oversteek van Italië naar Dubrovnik. We hadden al een ferry gevonden die pas vaart vanaf juni of zo en dat wordt te laat. Onze reis moet rond 15 juni aan z'n eind komen. Met het voorgenomen tempo gaan we dat vanuit Dubrovnik niet meer redden. Met wat gezoek zijn we terecht gekomen bij Jadrolinija, die vertrekt vanuit Bari. Dat ligt aan de oostkust op de hoogte van Pompeii, dat we natuurlijk ook willen bezoeken.

Zo op het plaatje zijn het in elk geval keurige boten. We konden er eerst niet achter komen of je ook met de auto kunt oversteken. Dat ligt wel voor de hand, maar het is toch een probleem als het niet blijkt te kunnen. Dan moet je bijna dezelfde route terug door Italië. Helemaal waar is dat natuurlijk niet, maar zo voelt het wel. Maar gelukkig blijkt dit een car-ferry te zijn. Dat gaat nog aardig lukken.
Het blijft nog even een vraag of je van tevoren moet reserveren. Dat lijkt me niks, maar het risico is dat je een paar dagen moet wachten op de volgende overtocht. Maar misschien valt dat een weekje in het vooruit al in te schatten en is dat al ruim genoeg. We zien dat later wel.
dinsdag 6 januari 2009
Nieuwe plannen 2009
Aanvankelijk hadden we steeds het idee om er vier weken met de Blue Bird op uit te trekken. De bestemming was Roemenië. We zouden dan Boekarest bezoeken en doorrijden naar de delta van de Donau. Je kan dat gebied het beste bezoeken vanuit Tulcea via een excursie. De terugweg zou dan gaan via Moldavië en Oekraïne (Odessa, Kiev) of als dat niet uitvoerbaar was via de Karpaten naar bijvoorbeeld zuid-Polen. Een periode van vier weken was wat ons betreft mogelijk.
Intussen zijn de kaarten iets anders komen te liggen en het plan is nogal drastisch aangepast. We gaan nu een ruimere periode nemen voor een grote reis, we reizen gemiddeld kortere afstanden per dag en blijven wellicht hier en daar wat langer staan. Het tijdschema omvat nu ongeveer tien weken en loopt van ruwweg 1 april tot medio juni 2009. Het schema is nu ook veel meer naar het zuiden gericht. Het ziet er nu als volgt uit.

Hoogtepunten zijn in deze opzet: Kortrijk, Parijs, Pisa, Rome, Napels, Pompeii, de oversteek met de boot naar Dubrovnik, Zagreb, Innsbruck, noordelijk door de Alpen, Luxemburg. De tocht heeft zo een totale lengte van een kleine 5.000 kilometer.
We moeten er ons er verder nog in verdiepen, hoewel we al wat voorwerk hebben gedaan, toch wel. Er zitten plaatsen bij die we samen of alleen al eens hebben bezocht, maar dan toch niet met de Blue Bird. Eén van mijn favoriete opties is de Route Napoléon, maar het is de vraag of dat zo vroeg in het jaar te doen is.

Enfin, als het wat concreter wordt houden wij u op de hoogte.
Intussen zijn de kaarten iets anders komen te liggen en het plan is nogal drastisch aangepast. We gaan nu een ruimere periode nemen voor een grote reis, we reizen gemiddeld kortere afstanden per dag en blijven wellicht hier en daar wat langer staan. Het tijdschema omvat nu ongeveer tien weken en loopt van ruwweg 1 april tot medio juni 2009. Het schema is nu ook veel meer naar het zuiden gericht. Het ziet er nu als volgt uit.

Hoogtepunten zijn in deze opzet: Kortrijk, Parijs, Pisa, Rome, Napels, Pompeii, de oversteek met de boot naar Dubrovnik, Zagreb, Innsbruck, noordelijk door de Alpen, Luxemburg. De tocht heeft zo een totale lengte van een kleine 5.000 kilometer.
We moeten er ons er verder nog in verdiepen, hoewel we al wat voorwerk hebben gedaan, toch wel. Er zitten plaatsen bij die we samen of alleen al eens hebben bezocht, maar dan toch niet met de Blue Bird. Eén van mijn favoriete opties is de Route Napoléon, maar het is de vraag of dat zo vroeg in het jaar te doen is.

Enfin, als het wat concreter wordt houden wij u op de hoogte.
zondag 4 januari 2009
Kwakkelweer
Onze Blue Bird staat gewoon voor het huis. Als het nodig is gebruik ik de bus ook voor het gewone dagelijkse verkeer. Ik ga ermee naar mijn werk en doe er elke week de boodschappen mee. De afgelopen twee weken bestonden voornamelijk uit vrije dagen, feestdagen en tussendoor dagen. Op het laatst weet je niet meer welke dag het is.
We hadden een reisje voorbereid naar Engeland en zuid-Schotland, maar om redenen is het er niet van gekomen. Nou wordt deze periode uiteindelijk gedomineerd door tamelijk fris weer met veel vorst. Zelfs de rayonhoofden komen alweer bij elkaar. Onze Blue Bird is niet bij uitstek wintervast. We hebben wel een goede kachel, maar achterin blijft het toch fris. Ik wil op de een of andere manier wel iets ventileren en ik heb nog steeds niet ontdekt hoe ik dat het beste kan doen bij temperaturen dik onder het vriespunt. Een van de opties die we hadden was om een elektrische deken mee te nemen en op locaties dan maar "aan de paal" te gaan staan, maar ik heb geen idee hoeveel stroom zo'n accessoire trekt.
Het is er allemaal niet van gekomen helaas. Nogal onverwacht zaten we gewoon thuis. Om nog iets van het gevoel mee te krijgen rijden we zo nu en dan naar het strand of naar een natuurgebied, een voormalige zandwinning. We zetten de Bird op de parkeerplaats of aan de boulevard en maken een wandeling. Als we dan terugkomen zetten we een bakkie koffie en lezen wat of doen andere ontspannende dingen. Als de lage winterzon in de bus schijnt is het er heerlijk toeven. En als ik de bus ergens neerzet houd ik er al meteen rekening mee. Het is er vroeg donker om deze tijd en meestal betekenen dit soort uitstapjes dat we met donker weer thuiskomen.
Om het uitstapje zo comfortabel mogelijk te maken zorg ik toch voor wat water in de tank en chemicaliën in de w.c., zodat we kunnen als we moeten en stromend water hebben, al is het alleen al om iets af te kunnen spoelen of je handen te wassen. 's-Nachts ben je vervolgens al je water weer kwijt als het zes graden vriest en de vorstbeveiliging op tijd is opengegaan. Alleen dat vorst-klepje is niet genoeg. Ik begin er langzaamaan wat meer handigheid in te krijgen.
De aftapkraan van de afvalwatertank staat nu permanent open. Bij deze kou is hij nauwelijks te bedienen en een sloot grijswater kan natuurlijk ook bevriezen. Zolang we niet zeepsop of tandpasta-resten naar buiten laten lopen moet het maar even zo.
De vorst-klep zet ik alvast met de hand open. Maar hoewel het meeste water dan wel wegloopt blijft er een bodem achter in de tank en de pomp en de leidingen blijven vol water staan. Zelfs de kranen naan de wasbak staan nog vol water. Wat ik nu doe is de pomp uitzetten en alle kranen open zodat daar het water ook kan wegzakken.
En dan is er nog de w.c. Die halen we uit de bus en zetten de cassette ergens vorstvrij weg. Maar als hij meer dan een paar dagen moet staan maken we hem toch helemaal schoon. En bij een nieuwe trip vullen we hem dan weer. Dat is allemaal niet zo efficiënt, maar wel erg comfortabel als je terugkomt bij de bus na een stevige wandeling.
Dit weekeinde hebben we even twee vorstvrije dagen. Gisteren zijn we naar Katwijk gereden en vandaag staat de bus er eigenlijk nog gebruiksklaar bij. Maar het is dan wel niet zo koud en ondanks de belofte van regen (en later sneeuw) is het droog, maar het is bewolkt en somber. Ik denk niet dat hij vandaag nog op klein-tournee gaat dus vanmiddag ga ik het hele ritueel weer langs. Vannacht zou het drie graden gaan vriezen, morgen zelfs een graad of acht.
We hadden een reisje voorbereid naar Engeland en zuid-Schotland, maar om redenen is het er niet van gekomen. Nou wordt deze periode uiteindelijk gedomineerd door tamelijk fris weer met veel vorst. Zelfs de rayonhoofden komen alweer bij elkaar. Onze Blue Bird is niet bij uitstek wintervast. We hebben wel een goede kachel, maar achterin blijft het toch fris. Ik wil op de een of andere manier wel iets ventileren en ik heb nog steeds niet ontdekt hoe ik dat het beste kan doen bij temperaturen dik onder het vriespunt. Een van de opties die we hadden was om een elektrische deken mee te nemen en op locaties dan maar "aan de paal" te gaan staan, maar ik heb geen idee hoeveel stroom zo'n accessoire trekt.
Het is er allemaal niet van gekomen helaas. Nogal onverwacht zaten we gewoon thuis. Om nog iets van het gevoel mee te krijgen rijden we zo nu en dan naar het strand of naar een natuurgebied, een voormalige zandwinning. We zetten de Bird op de parkeerplaats of aan de boulevard en maken een wandeling. Als we dan terugkomen zetten we een bakkie koffie en lezen wat of doen andere ontspannende dingen. Als de lage winterzon in de bus schijnt is het er heerlijk toeven. En als ik de bus ergens neerzet houd ik er al meteen rekening mee. Het is er vroeg donker om deze tijd en meestal betekenen dit soort uitstapjes dat we met donker weer thuiskomen.
Om het uitstapje zo comfortabel mogelijk te maken zorg ik toch voor wat water in de tank en chemicaliën in de w.c., zodat we kunnen als we moeten en stromend water hebben, al is het alleen al om iets af te kunnen spoelen of je handen te wassen. 's-Nachts ben je vervolgens al je water weer kwijt als het zes graden vriest en de vorstbeveiliging op tijd is opengegaan. Alleen dat vorst-klepje is niet genoeg. Ik begin er langzaamaan wat meer handigheid in te krijgen.
De aftapkraan van de afvalwatertank staat nu permanent open. Bij deze kou is hij nauwelijks te bedienen en een sloot grijswater kan natuurlijk ook bevriezen. Zolang we niet zeepsop of tandpasta-resten naar buiten laten lopen moet het maar even zo.
De vorst-klep zet ik alvast met de hand open. Maar hoewel het meeste water dan wel wegloopt blijft er een bodem achter in de tank en de pomp en de leidingen blijven vol water staan. Zelfs de kranen naan de wasbak staan nog vol water. Wat ik nu doe is de pomp uitzetten en alle kranen open zodat daar het water ook kan wegzakken.
En dan is er nog de w.c. Die halen we uit de bus en zetten de cassette ergens vorstvrij weg. Maar als hij meer dan een paar dagen moet staan maken we hem toch helemaal schoon. En bij een nieuwe trip vullen we hem dan weer. Dat is allemaal niet zo efficiënt, maar wel erg comfortabel als je terugkomt bij de bus na een stevige wandeling.
Dit weekeinde hebben we even twee vorstvrije dagen. Gisteren zijn we naar Katwijk gereden en vandaag staat de bus er eigenlijk nog gebruiksklaar bij. Maar het is dan wel niet zo koud en ondanks de belofte van regen (en later sneeuw) is het droog, maar het is bewolkt en somber. Ik denk niet dat hij vandaag nog op klein-tournee gaat dus vanmiddag ga ik het hele ritueel weer langs. Vannacht zou het drie graden gaan vriezen, morgen zelfs een graad of acht.
vrijdag 2 januari 2009
24-12-2008: Fietsen (4)
Het probleem van het fietsenrek blijft toch altijd broeien. De paal die ik vlak voor ons vertrek naar Sint Petersburg heb gemaakt om iets van het gewicht op te vangen is inmiddels een vast onderdeel van de uitrusting geworden. Het is niet perfect, maar alle beetjes helpen. Maar het principe dat het hele fietsenrek aan de scharnieren van de deur hangt blijft toch weerstand oproepen bij mij.
Een ander probleem is dat de goten waar de fietsen in worden gezet op anderhalve meter hoogte zitten en dat dat nog een heel stuk is om te tillen. Ik gebruik ook nog een extra spanband om de zaak vast te zetten en je staat eigenlijk altijd boven je hoofd te werken.
Intussen is er ook een handicap ontstaan waardoor tillen iets problematischer is geworden.
In het maandblaadje van de NKC stond een artikel over een bedrijf, Buscamper Nederland in Culemborg, dat een eigen oplossing had bedacht voor ons probleem. Ik jat even een plaatje van hun website; ik weet zeker dat ze daar geen probleem mee zullen hebben.

Het idee is dit. Op de plek waar normaal gesproken de constructie voor een trekhaak zou worden gemonteerd komt nu een frame voor het fietsenrek. Het frame zit als het ware in de bumper. Het fietsenrek zit aan een kant met een groot scharnier aan het frame. Het zit dus tamelijk laag boven het straatniveau. Als je in de bus wilt zijn draai je het hele rek gemakkelijk opzij, met fietsen en al.
Een nadeel is dat de fietsen nu voor de verlichting zitten, maar het rek heeft een eigen verlichting en een extra nummerplaat. Zo voor dagelijks gebruik zonder fietsen steekt alles natuurlijk nogal vervelend uit, maar je kan het rek eenvoudig opklappen.
Je zou als nadeel kunnen zien dat het geheel een beetje onbenullig oogt, als je daarvoor gevoelig bent. Wij zien alleen maar voordelen.
Het mag duidelijk zijn dat wij het fietsenrek hebben besteld. Eind januari brengen we de bus weg en binnen een dag moet het allemaal voor elkaar zijn.
... wordt vervolgd.
Een ander probleem is dat de goten waar de fietsen in worden gezet op anderhalve meter hoogte zitten en dat dat nog een heel stuk is om te tillen. Ik gebruik ook nog een extra spanband om de zaak vast te zetten en je staat eigenlijk altijd boven je hoofd te werken.
Intussen is er ook een handicap ontstaan waardoor tillen iets problematischer is geworden.
In het maandblaadje van de NKC stond een artikel over een bedrijf, Buscamper Nederland in Culemborg, dat een eigen oplossing had bedacht voor ons probleem. Ik jat even een plaatje van hun website; ik weet zeker dat ze daar geen probleem mee zullen hebben.

Het idee is dit. Op de plek waar normaal gesproken de constructie voor een trekhaak zou worden gemonteerd komt nu een frame voor het fietsenrek. Het frame zit als het ware in de bumper. Het fietsenrek zit aan een kant met een groot scharnier aan het frame. Het zit dus tamelijk laag boven het straatniveau. Als je in de bus wilt zijn draai je het hele rek gemakkelijk opzij, met fietsen en al.
Een nadeel is dat de fietsen nu voor de verlichting zitten, maar het rek heeft een eigen verlichting en een extra nummerplaat. Zo voor dagelijks gebruik zonder fietsen steekt alles natuurlijk nogal vervelend uit, maar je kan het rek eenvoudig opklappen.
Je zou als nadeel kunnen zien dat het geheel een beetje onbenullig oogt, als je daarvoor gevoelig bent. Wij zien alleen maar voordelen.
- Het rek is robuust, het heeft een groot draagvermogen, veel groter dan het rek dat we nu hebben.
- Het rek is via het frame direct aan het chassis van de auto bevestigd.
- Je kan de fietsen er gemakkelijk optillen vanwege de lage positie. Desnoods rijd je de fiets wiel voor wiel erop.
- Je draait het rek heel gemakkelijk weg als je bij de achterdeuren wilt wezen, zonder dat de fietsen eraf hoeven.
- Voorlopig lijkt het erop dat het rek ook ruimer is voor de fietsen, zodat het misschien niet nodig is om het stuur te draaien op de trapper op te klappen.
Het mag duidelijk zijn dat wij het fietsenrek hebben besteld. Eind januari brengen we de bus weg en binnen een dag moet het allemaal voor elkaar zijn.
... wordt vervolgd.
26-10-2008: Vasse
--> Alle foto's
Vrijdag 24 oktober 2008
Aan het begin van de middag vertrekken we oostwaarts. Ik ben uit de nachtdienst gekomen en heb eerst nog een uurtje of wat geslapen. Daarna moet de Blue Bird natuurlijk weer reisklaar worden gemaakt. Dat is al nauwelijks meer iets waar we diepgaand over hoeven na te denken. De vertrektijd is twee uur. Het is regenachtig en vrijdagmiddag. Doorgaans betekent dat een reden voor record aantal en lengte aan files, maar we zijn vroeger dan we eerder wel eens vertrokken. Het mag niet baten. We doen over onze tocht precies twee keer zo lang als dezelfde rit zonder files.
We knuffelen met onze kleinkinderen en met onze kinderen ook vanzelfsprekend. We eten een hapje mee en strijken tenslotte neer op een plekje op de boerderij in Nieuw Heeten. We waren daar al eerder en hoeven niet te zoeken. We kunnen er altijd terecht, ook als de boer er niet zou zijn. Als we erheen rijden is het al stikdonker. In onze Randstad is dat eigenlijk nooit het geval, maar in deze omgeving is dat andere koek. Donker is hier echt donker, smalle weggetjes zijn echt smal. Het is maar goed dat we weten waar we moeten zijn. De boer ziet er beslist anders uit dan we ons van de vorige keer herinneren. Om te beginnen hebben we het ditmaal over de vrouw van de boer, maar dan nog. In elk geval zijn de regeltjes minimaal. Je kan gaan staan waar je wilt, de kosten zijn nihil en als er niemand aanwezig is kan je evengoed gewoon je camper neerzetten. Voor de rest maakt het allemaal weinig uit, ook voor ons. We trekken morgen weer verder.
Zaterdag 25 oktober 2008
We reizen door naar Ootmarsum. Dat idee kwam donderdagnacht pas opzetten naar een idee van een collega die ik trof in Enschede. Oud Ootmarsum moet een leuke dorpje zijn. De weg van daar naar Vasse is de mooiste weg van Nederland.
De clou van Oud Ootmarsum missen we vrees ik. De weg naar Vasse is inderdaad een uiterst schilderachtige weg. We maken toch enige vaart naar een plekje op een boerderij-camping. De camping zelf is al in de winterstand, maar voor campers is er altijd plek. Het resultaat is dat we helemaal alleen staan. Dat overkomt ons vaker en wij vinden dat prima. Het is schitterend weer, hoewel wat aan de frisse kant. Je zou haast de stoeltjes tevoorschijn halen, maar we beperken ons tot het rijklaar maken van de fietsen.

We worden direct opgenomen in de landelijke sfeer die hoort bij gebieden als Twente. Op het erf is een groot vuur aangestoken voor het opruimen van allerlei afval. Zo nu en dan verschijnt er de een of andere landheer met nog wat onbestemde voorwerpen, dan wel met een aanhangwagentje met dergelijke, zij het nog grotere voorwerpen van gelijke aard. Het geeft een vermoeden van de reden dat paasvuren in deze streek de omvang hebben van een kompleet huis, zodat je in het volgende gehucht kunt zien dat de buren toch een groter vuur hebben aangelegd. Daarmee vergeleken is dit vuur een theelichtje, het aanzien niet waard. Wat is een brandstapel van twee meter hoog eigenlijk, zeg nou zelf.
Een andere folkloristisch tijdverdrijf is het rondrijden op grote motoren over aardappel- of maïsvelden. Er is een heel parcours uitgezet over weggetjes, en soms ook ernaast, om alle veldjes met elkaar te verbinden. Voor de zekerheid is hier of daar een roodwit lint gespannen om de bedoeling aan te duiden. Wonderbaarlijk dat die Tukkers nog zo gezagsgetrouw zijn dat ze zich daar veel van aantrekken. Blijkbaar trekken ze zich minder aan van een verdeling in klassen. Ik hoor zware ronkende en ploffende machines door de velden ploeteren, maar ook snerpende geluiden die horen bij de lichtere versies. Maar als ik het zo eens bekijk winnen die het toch op snelheid. Of op fanatisme. Of misschien heb ik niet goed begrepen hoe de competitie in elkaar zit.

Enfin, wij gaan ons vermaken met onze fietsjes. Joke heeft nog een paar routebeschrijvingen van fietsroutes en als we het weggetje uitrijden stuiten we direct op een bordje van de ANWB. De route van dat bordje past bij een van de routes waarvan we de beschrijving hebben. We slaan onmiddellijk linksaf, in plaats van rechtsaf, zoals de bedoeling was. We kruisen nog een paar keer het parcours van de crossers, maar we belanden uiteindelijk in het natuurgebied, annex stiltegebied. We hebben niet zozeer te maken met onneembare berghellingen, meer met vals plat. Daarbij moet ′vals′ tamelijk letterlijk worden genomen.
Later zullen we ontdekken dat we de grafheuvels hebben gemist. Wel stoppen we bij de watermolen ′Frans′. Wat een heerlijk plekje om even de beentjes te strekken en ons te warmen in de zon.
.jpg)
Even verderop is watermolen Bels. Je zou zeggen; als je er een hebt gezien heb je ze allemaal gezien, maar deze heeft een extra attractie, een theehuis en restaurant. We lopen wat om de molen heen en kijken binnen naar wat uitgestalde gereedschappen en pompoenen. Dan gaan we toch een kijkje nemen in het restaurant. Het ziet er bijzonder aangenaam uit. Wat ruwhouten tafels en stoelen met rietgematte zittingen, houten kolommen en donker gebeitste dakbalken. Het is er tamelijk druk bezet. Joke begint aan een stoel te schuiven bij een lege tafel, maar ik laat me niet vermurwen. Ik wil bij de open haard zitten waar een weldadig vuurtje brandt. Maar daar zitten al mensen. Nou zitten er twee mensen en staan er zes stoelen, dus dat moet simpel op te lossen zijn. Ik krijg mijn zin. We drinken een glaasje cola en nemen een uitsmijter, met kaas en ham. Het is er heerlijk toeven. En eerlijk gezegd is het nog heel betaalbaar ook.

We peddelen weer terug naar de Bird, rommelen wat in de bus en maken nog een nachtelijk wandeltochtje. Ik verbaas me dan elke keer weer over de nachtblindheid van mijn echtgenote, maar we keren veilig weer.
Zondag 26 oktober 2008
Het weer is totaal omgeslagen. Was het gisteren een stralende dag, zij het misschien een beetje fris, in de avond begint het vrij stevig te waaien. We hebben de temperatuur binnen in de Bird niet helemaal onder controle. Vanmorgen is het wat gaan miezeren en op den duur is het overgegaan in heuse regen. We zouden misschien nog een klein rondje hebben kunnen fietsen, maar we breken maar meteen op. Het was sowieso weer een prima weekeinde en het ontbreken van een klein fietstochtje doet daar weinig aan af.
52.435101 N 6.771925 E
Vrijdag 24 oktober 2008
Aan het begin van de middag vertrekken we oostwaarts. Ik ben uit de nachtdienst gekomen en heb eerst nog een uurtje of wat geslapen. Daarna moet de Blue Bird natuurlijk weer reisklaar worden gemaakt. Dat is al nauwelijks meer iets waar we diepgaand over hoeven na te denken. De vertrektijd is twee uur. Het is regenachtig en vrijdagmiddag. Doorgaans betekent dat een reden voor record aantal en lengte aan files, maar we zijn vroeger dan we eerder wel eens vertrokken. Het mag niet baten. We doen over onze tocht precies twee keer zo lang als dezelfde rit zonder files.
We knuffelen met onze kleinkinderen en met onze kinderen ook vanzelfsprekend. We eten een hapje mee en strijken tenslotte neer op een plekje op de boerderij in Nieuw Heeten. We waren daar al eerder en hoeven niet te zoeken. We kunnen er altijd terecht, ook als de boer er niet zou zijn. Als we erheen rijden is het al stikdonker. In onze Randstad is dat eigenlijk nooit het geval, maar in deze omgeving is dat andere koek. Donker is hier echt donker, smalle weggetjes zijn echt smal. Het is maar goed dat we weten waar we moeten zijn. De boer ziet er beslist anders uit dan we ons van de vorige keer herinneren. Om te beginnen hebben we het ditmaal over de vrouw van de boer, maar dan nog. In elk geval zijn de regeltjes minimaal. Je kan gaan staan waar je wilt, de kosten zijn nihil en als er niemand aanwezig is kan je evengoed gewoon je camper neerzetten. Voor de rest maakt het allemaal weinig uit, ook voor ons. We trekken morgen weer verder.
Zaterdag 25 oktober 2008
We reizen door naar Ootmarsum. Dat idee kwam donderdagnacht pas opzetten naar een idee van een collega die ik trof in Enschede. Oud Ootmarsum moet een leuke dorpje zijn. De weg van daar naar Vasse is de mooiste weg van Nederland.
De clou van Oud Ootmarsum missen we vrees ik. De weg naar Vasse is inderdaad een uiterst schilderachtige weg. We maken toch enige vaart naar een plekje op een boerderij-camping. De camping zelf is al in de winterstand, maar voor campers is er altijd plek. Het resultaat is dat we helemaal alleen staan. Dat overkomt ons vaker en wij vinden dat prima. Het is schitterend weer, hoewel wat aan de frisse kant. Je zou haast de stoeltjes tevoorschijn halen, maar we beperken ons tot het rijklaar maken van de fietsen.

We worden direct opgenomen in de landelijke sfeer die hoort bij gebieden als Twente. Op het erf is een groot vuur aangestoken voor het opruimen van allerlei afval. Zo nu en dan verschijnt er de een of andere landheer met nog wat onbestemde voorwerpen, dan wel met een aanhangwagentje met dergelijke, zij het nog grotere voorwerpen van gelijke aard. Het geeft een vermoeden van de reden dat paasvuren in deze streek de omvang hebben van een kompleet huis, zodat je in het volgende gehucht kunt zien dat de buren toch een groter vuur hebben aangelegd. Daarmee vergeleken is dit vuur een theelichtje, het aanzien niet waard. Wat is een brandstapel van twee meter hoog eigenlijk, zeg nou zelf.
Een andere folkloristisch tijdverdrijf is het rondrijden op grote motoren over aardappel- of maïsvelden. Er is een heel parcours uitgezet over weggetjes, en soms ook ernaast, om alle veldjes met elkaar te verbinden. Voor de zekerheid is hier of daar een roodwit lint gespannen om de bedoeling aan te duiden. Wonderbaarlijk dat die Tukkers nog zo gezagsgetrouw zijn dat ze zich daar veel van aantrekken. Blijkbaar trekken ze zich minder aan van een verdeling in klassen. Ik hoor zware ronkende en ploffende machines door de velden ploeteren, maar ook snerpende geluiden die horen bij de lichtere versies. Maar als ik het zo eens bekijk winnen die het toch op snelheid. Of op fanatisme. Of misschien heb ik niet goed begrepen hoe de competitie in elkaar zit.

Enfin, wij gaan ons vermaken met onze fietsjes. Joke heeft nog een paar routebeschrijvingen van fietsroutes en als we het weggetje uitrijden stuiten we direct op een bordje van de ANWB. De route van dat bordje past bij een van de routes waarvan we de beschrijving hebben. We slaan onmiddellijk linksaf, in plaats van rechtsaf, zoals de bedoeling was. We kruisen nog een paar keer het parcours van de crossers, maar we belanden uiteindelijk in het natuurgebied, annex stiltegebied. We hebben niet zozeer te maken met onneembare berghellingen, meer met vals plat. Daarbij moet ′vals′ tamelijk letterlijk worden genomen.
Later zullen we ontdekken dat we de grafheuvels hebben gemist. Wel stoppen we bij de watermolen ′Frans′. Wat een heerlijk plekje om even de beentjes te strekken en ons te warmen in de zon.
.jpg)
Even verderop is watermolen Bels. Je zou zeggen; als je er een hebt gezien heb je ze allemaal gezien, maar deze heeft een extra attractie, een theehuis en restaurant. We lopen wat om de molen heen en kijken binnen naar wat uitgestalde gereedschappen en pompoenen. Dan gaan we toch een kijkje nemen in het restaurant. Het ziet er bijzonder aangenaam uit. Wat ruwhouten tafels en stoelen met rietgematte zittingen, houten kolommen en donker gebeitste dakbalken. Het is er tamelijk druk bezet. Joke begint aan een stoel te schuiven bij een lege tafel, maar ik laat me niet vermurwen. Ik wil bij de open haard zitten waar een weldadig vuurtje brandt. Maar daar zitten al mensen. Nou zitten er twee mensen en staan er zes stoelen, dus dat moet simpel op te lossen zijn. Ik krijg mijn zin. We drinken een glaasje cola en nemen een uitsmijter, met kaas en ham. Het is er heerlijk toeven. En eerlijk gezegd is het nog heel betaalbaar ook.

We peddelen weer terug naar de Bird, rommelen wat in de bus en maken nog een nachtelijk wandeltochtje. Ik verbaas me dan elke keer weer over de nachtblindheid van mijn echtgenote, maar we keren veilig weer.
Zondag 26 oktober 2008
Het weer is totaal omgeslagen. Was het gisteren een stralende dag, zij het misschien een beetje fris, in de avond begint het vrij stevig te waaien. We hebben de temperatuur binnen in de Bird niet helemaal onder controle. Vanmorgen is het wat gaan miezeren en op den duur is het overgegaan in heuse regen. We zouden misschien nog een klein rondje hebben kunnen fietsen, maar we breken maar meteen op. Het was sowieso weer een prima weekeinde en het ontbreken van een klein fietstochtje doet daar weinig aan af.
52.435101 N 6.771925 E
12-10-2008: Heusden, Monschau
Vrijdag 10 oktober 2008
Het plan is om naar Monschau te gaan. Maar de Blue Bird heeft een kleine beurt nodig en die afspraak had ik precies vandaag gemaakt. De garage belt om een uur of een op om te melden dat de Bird weer vlieggereed is. Ik moet er nog met de fiets heen en dan moeten we nog water innemen en de wc klaarmaken en allerlei andere dingen, die nodig zijn om een paar dagen te overleven, hoewel we in het verleden al hebben bewezen dat we ook geheel onvoorbereid op reis kunnen gaan met niets en dan na een paar dagen weer levend terugkeren. Deze keer doen we het beter. We zijn nu wel goed voorbereid. Wel met de losse hand. We hebben in elk geval redelijk voldoende voorraad aan voedingsmiddelen, zij het dan dat we geen bakboter bij ons hebben, maar daar komen we later op de avond pas achter als we een paar eieren in de pan willen gooien.
We vertrekken om een uur of drie. Op vrijdagmiddag, en in het bijzonder op de eerste dag van de herfstvakantie, is dat vragen om moeilijkheden. Theoretisch zouden we om kwart voor zeven in Monschau kunnen zijn als we afwijken van onze standaard kruissnelheid van honderd kilometer per uur. Gemakshalve houden we een verwachtte aankomsttijd aan van acht uur. Joke belt op naar de enige camping ter plekke om hiervan gewag te doen, maar de baas sluit stipt om zeven uur de deur van de receptie, dus dat wordt niets. Bij Reeuwijk hebben we de eerste file, bij Woerden de tweede en bij Deil de derde. Die wordt bij de verkeersinformatie speciaal genoemd als langer dan vier kilometer of met een bijzondere oorzaak. En dan moeten we in elk geval nog langs Eindhoven, wat doorgaans ook enige problemen geeft. De wedstrijd is bij voorbaat al verloren. We slaan onmiddellijk af naar Wijk en Aalburg. Je kan daar overnachten bij de bakkerij / uitspanning. Het roept vooral een beeld op van een uitdragerij en we rijden verder. We komen terecht bij een parkeerplaats met twee camperplaatsen op de fortificatie van Heusden. We staan heel beschut achter de versterkingswallen. Op de twee plaatsen staan zes campers. Het is wat dringen, maar we passen er toch niet op. Dan maken we maar gebruik van de reguliere parkeerplaatsen. Het blijkt weinig verschil te maken, je staat er net zo geriefelijk.
Ik loop nog even naar de stadspoort en beklim de vestingswerken, eigenlijk vooral om te genieten van de prachtige zonsondergang.

Zaterdag 11 oktober 2008
We wandelen eens rustig het stadje in en er omheen over de wallen. Het is een verrassend leuke stad met schilderachtige huizen, straatjes, haventje en een paar stadsmolens. Eentje is speciaal opgetuigd met vlaggen vanwege een bruiloft. In de stad vind je vooral gallerieën, kunstzaken en antiekwinkels. Niet protserig, maar wel aanwezig genoeg om een bijzonder sfeertje te creëren. Rondom de markt en het haventje zitten wat horecazaken met aangename terrassen. Een parel in het Brabantse land.

We vertrekken uiteindelijk, maar waarheen. Om de een of andere reden willen we allebei de reis naar Monschau afmaken. In de loop van de middag komen we daar aan. We laden de fietsen af en rijden over een heuvelachtige landweg binnendoor naar Monschau. Het is vijf kilometer verderop. Het aangename van de tocht is dat we voortdurend bergaf gaan, soms bij het gevaarlijke af, vooral als het asfalt uiteindelijk overgaat in kinderkopjes en putdeksels. Ergens in ons achterhoofd knaagt de gedachten dat de terugweg mogelijkerwijs voortdurend zal stijgen, als deze route niet is ontworpen door M.C. Escher. Maar we weten die onzalige gedachte meteen de kop in te drukken.

Monschau is een pittoresk plaatsje met veel witte vakwerkhuisjes. We waren hier allebei al eens in een vorig leven. Het lijkt nu nog schilderachtiger dan toen, en vooral ook veel toeristischer, hetgeen blijkt uit de enorme drukte die er in dit plaatsje heerst. Rondom het centrum is het betaald parkeren, tot een afstand van twee kilometer buiten de bebouwde kom. Daar zal vast wel een reden voor zijn. In de zomer moet het hier dringen zijn. Dat is eigenlijk nu al zo. Op de markt zijn wat terrasjes en die zijn nogal aardig bezet. Toch is het er erg aangenaam vertoeven. We ploeteren met onze fietsen door de colonnes wandelaars heen.

Het wordt nu toch een keer tijd voor de terugtocht. Een studie van een aangeplakte plattegrond leert dat er een alternatieve fietsroute is langs punt 26, 28 en 24. De pijltjes suggereren een minder drastisch hoogteverschil. Het resultaat is dat Joke nu hooguit drie kilometer te voet gaat en de rest net met de eerste versnelling kan halen. Ik heb al visioenen van een plek waar we afspreken dat ik Joke met de Bird zal ophalen, maar het blijkt niet nodig. Als we ons uiteindelijk oriënteren, blijkt dat we nog maar veertienhonderd meter hoeven te gaan. We hoeven ook niet meer omhoog, dus het laatste loodje gaat reuze meevallen. Dat van ′niet meer omhoog′ blijkt gelogen, maar we zijn er zo, wel enigszins moegestreden.
We besluiten de dag met een maaltijd in het locale restaurant annex Stube. Voor heel weinig geld krijg je een simpele, maar bijzonder smakelijke maaltijd, een surprise.
Zaterdag 11 oktober 2008
De rest van ons verblijf geeft weinig aanleiding tot een uitgebreid verslag. We rommelen de avond door op gebruikelijke wijze. We breken vroeg op in de morgen en vertrekken om een uur of elf alweer huiswaarts. Eerlijk gezegd is het in de camper een grotere rommel dan op een reis van vier weken naar Rusland. Het is prachtig weer als we in Duitsland vertrekken, maar in Limburg wordt het nogal grijs. We reizen in een stuk door naar de thuisbasis. We geven de Bird een grote kleine beurt en maken alles deze keer nogal uitgebreid schoon. Er hangt een ietwat onfrisse lucht binnen. Die vind z'n oorzaak in, in wat eigenlijk? Bij vertrek zat die er ineens in. Onderweg hebben we alles gepoetst en schoongemaakt wat het zou kunnen veroorzaken, maar bij vlagen kwam die lucht steeds weer in een vleug voorbij. We kunnen het niet vinden. Maar onze poetsbeurt moet het oplossen.
We kwamen in Monschau nog te praten met een andere camperaar, die belangstelling had voor de constructie met het paaltje van de fietsendrager. Hij had ook twee openslaande achterdeuren en de constructie bij hem was zeker nog minder robuust dan die van ons. Het blijft bij iedereen een zorgenkindje. Maar het lumineuze idee waarmee het probleem in een klap definitief is op te lossen heb ik nog bij niemand kunnen ontdekken.
51.735120 N 5.133996 E
50.566635 N 6.266708 E
Het plan is om naar Monschau te gaan. Maar de Blue Bird heeft een kleine beurt nodig en die afspraak had ik precies vandaag gemaakt. De garage belt om een uur of een op om te melden dat de Bird weer vlieggereed is. Ik moet er nog met de fiets heen en dan moeten we nog water innemen en de wc klaarmaken en allerlei andere dingen, die nodig zijn om een paar dagen te overleven, hoewel we in het verleden al hebben bewezen dat we ook geheel onvoorbereid op reis kunnen gaan met niets en dan na een paar dagen weer levend terugkeren. Deze keer doen we het beter. We zijn nu wel goed voorbereid. Wel met de losse hand. We hebben in elk geval redelijk voldoende voorraad aan voedingsmiddelen, zij het dan dat we geen bakboter bij ons hebben, maar daar komen we later op de avond pas achter als we een paar eieren in de pan willen gooien.
We vertrekken om een uur of drie. Op vrijdagmiddag, en in het bijzonder op de eerste dag van de herfstvakantie, is dat vragen om moeilijkheden. Theoretisch zouden we om kwart voor zeven in Monschau kunnen zijn als we afwijken van onze standaard kruissnelheid van honderd kilometer per uur. Gemakshalve houden we een verwachtte aankomsttijd aan van acht uur. Joke belt op naar de enige camping ter plekke om hiervan gewag te doen, maar de baas sluit stipt om zeven uur de deur van de receptie, dus dat wordt niets. Bij Reeuwijk hebben we de eerste file, bij Woerden de tweede en bij Deil de derde. Die wordt bij de verkeersinformatie speciaal genoemd als langer dan vier kilometer of met een bijzondere oorzaak. En dan moeten we in elk geval nog langs Eindhoven, wat doorgaans ook enige problemen geeft. De wedstrijd is bij voorbaat al verloren. We slaan onmiddellijk af naar Wijk en Aalburg. Je kan daar overnachten bij de bakkerij / uitspanning. Het roept vooral een beeld op van een uitdragerij en we rijden verder. We komen terecht bij een parkeerplaats met twee camperplaatsen op de fortificatie van Heusden. We staan heel beschut achter de versterkingswallen. Op de twee plaatsen staan zes campers. Het is wat dringen, maar we passen er toch niet op. Dan maken we maar gebruik van de reguliere parkeerplaatsen. Het blijkt weinig verschil te maken, je staat er net zo geriefelijk.Ik loop nog even naar de stadspoort en beklim de vestingswerken, eigenlijk vooral om te genieten van de prachtige zonsondergang.

Zaterdag 11 oktober 2008
We wandelen eens rustig het stadje in en er omheen over de wallen. Het is een verrassend leuke stad met schilderachtige huizen, straatjes, haventje en een paar stadsmolens. Eentje is speciaal opgetuigd met vlaggen vanwege een bruiloft. In de stad vind je vooral gallerieën, kunstzaken en antiekwinkels. Niet protserig, maar wel aanwezig genoeg om een bijzonder sfeertje te creëren. Rondom de markt en het haventje zitten wat horecazaken met aangename terrassen. Een parel in het Brabantse land.

We vertrekken uiteindelijk, maar waarheen. Om de een of andere reden willen we allebei de reis naar Monschau afmaken. In de loop van de middag komen we daar aan. We laden de fietsen af en rijden over een heuvelachtige landweg binnendoor naar Monschau. Het is vijf kilometer verderop. Het aangename van de tocht is dat we voortdurend bergaf gaan, soms bij het gevaarlijke af, vooral als het asfalt uiteindelijk overgaat in kinderkopjes en putdeksels. Ergens in ons achterhoofd knaagt de gedachten dat de terugweg mogelijkerwijs voortdurend zal stijgen, als deze route niet is ontworpen door M.C. Escher. Maar we weten die onzalige gedachte meteen de kop in te drukken.

Monschau is een pittoresk plaatsje met veel witte vakwerkhuisjes. We waren hier allebei al eens in een vorig leven. Het lijkt nu nog schilderachtiger dan toen, en vooral ook veel toeristischer, hetgeen blijkt uit de enorme drukte die er in dit plaatsje heerst. Rondom het centrum is het betaald parkeren, tot een afstand van twee kilometer buiten de bebouwde kom. Daar zal vast wel een reden voor zijn. In de zomer moet het hier dringen zijn. Dat is eigenlijk nu al zo. Op de markt zijn wat terrasjes en die zijn nogal aardig bezet. Toch is het er erg aangenaam vertoeven. We ploeteren met onze fietsen door de colonnes wandelaars heen.

Het wordt nu toch een keer tijd voor de terugtocht. Een studie van een aangeplakte plattegrond leert dat er een alternatieve fietsroute is langs punt 26, 28 en 24. De pijltjes suggereren een minder drastisch hoogteverschil. Het resultaat is dat Joke nu hooguit drie kilometer te voet gaat en de rest net met de eerste versnelling kan halen. Ik heb al visioenen van een plek waar we afspreken dat ik Joke met de Bird zal ophalen, maar het blijkt niet nodig. Als we ons uiteindelijk oriënteren, blijkt dat we nog maar veertienhonderd meter hoeven te gaan. We hoeven ook niet meer omhoog, dus het laatste loodje gaat reuze meevallen. Dat van ′niet meer omhoog′ blijkt gelogen, maar we zijn er zo, wel enigszins moegestreden.
We besluiten de dag met een maaltijd in het locale restaurant annex Stube. Voor heel weinig geld krijg je een simpele, maar bijzonder smakelijke maaltijd, een surprise.
Zaterdag 11 oktober 2008
De rest van ons verblijf geeft weinig aanleiding tot een uitgebreid verslag. We rommelen de avond door op gebruikelijke wijze. We breken vroeg op in de morgen en vertrekken om een uur of elf alweer huiswaarts. Eerlijk gezegd is het in de camper een grotere rommel dan op een reis van vier weken naar Rusland. Het is prachtig weer als we in Duitsland vertrekken, maar in Limburg wordt het nogal grijs. We reizen in een stuk door naar de thuisbasis. We geven de Bird een grote kleine beurt en maken alles deze keer nogal uitgebreid schoon. Er hangt een ietwat onfrisse lucht binnen. Die vind z'n oorzaak in, in wat eigenlijk? Bij vertrek zat die er ineens in. Onderweg hebben we alles gepoetst en schoongemaakt wat het zou kunnen veroorzaken, maar bij vlagen kwam die lucht steeds weer in een vleug voorbij. We kunnen het niet vinden. Maar onze poetsbeurt moet het oplossen.
We kwamen in Monschau nog te praten met een andere camperaar, die belangstelling had voor de constructie met het paaltje van de fietsendrager. Hij had ook twee openslaande achterdeuren en de constructie bij hem was zeker nog minder robuust dan die van ons. Het blijft bij iedereen een zorgenkindje. Maar het lumineuze idee waarmee het probleem in een klap definitief is op te lossen heb ik nog bij niemand kunnen ontdekken.
51.735120 N 5.133996 E
50.566635 N 6.266708 E
08-09-2008: Asten
Zaterdag 6 september 2008
--> Alle foto's
De weersverwachting voor dit weekeinde was de hele week nogal twijfelachtig. De hele zomer komen er lagedrukgebieden via IJsland op ons afgestormd, die hier zo′n beetje in het niets oplossen. Intussen zorgen ze dan net weer voor een vervelend regenfrontje. De afgelopen week was het precies zo. De verwachting was dat het zondag nog een aardig dagje zou worden. Misschien reden om zaterdag wat later te vertrekken en zondag iets leuks te doen. Maar vrijdagmorgen waren de verwachtingen wat aangepast. Na een natte vrijdag en zaterdagmorgen moet het in de middag nog aardig weer worden en zondagmorgen weer in elkaar storten.

Op het laatste moment ontstaat het volgende plan. Zaterdag vertrekken we naar het oosten of zuidoosten. We doen iets leuks en overnachten daar. Zondag breken weer bijtijds op. Ik moet zondagavond sowieso de nachtdienst in, dus dat komt nog aardig uit.
Vanmorgen sta ik redelijk bijtijds op, terwijl Joke nog ligt te slapen. Ik moet nou toch wel bedenken waar we heen gaan. Ik prik een beetje willekeurig op het internet en blijf al vrij gauw steken op een mini camping boerderij in de buurt van Asten. Dat plaatsje ligt ergens op de grens van Limburg en Brabant. Aardige bijkomstigheid is dat de plek aan de rand ligt van De Grote Peel, een nationaal park van vier bij vier kilometer. Je kan hier nog iets proeven van de sfeer en het landschap van de vroegere Peel.
Als Joke haar nestje uit komt zijn mijn ideeën al aardig uitgewerkt. Ze heeft allerlei vage planen voor dagelijkse beslommeringen en mijn voorstel stuit op een muur van, tja van wat eigenlijk. Ze moet nogal aan het nieuwe idee wennen. Is het uit enthousiasme of beseft ze dat ze sowieso weinig te kiezen heeft, in record tempo is de Blue Bird reisvaardig. Vrolijk zingend reizen we af naar de Peel. Nou ja, Joke zingt nog niet zo erg mee, maar mij bevalt het allemaal wel.

Het weer is grauw en bij vlagen regenachtig, maar wanneer we om een uur of half drie bij het doel aankomen is het in elk geval droog en niet te koud. We hebben de fietsen deze keer niet meegenomen. Het natuurgebied is een wandelgebied, begrijp ik. Dat scheelt ook weer een hele toestand met fietsenrekken en spanbanden.
Als we ons hebben geïnstalleerd nemen we meteen de kuierlatten. De komende tweeënhalf uur wandelen we door zo goed als ongerepte natuur. We zien wilde bramenstruiken, hier en daar een eenzame, soms kale boom, wat gras, hei en riet, veel vennetjes. Er grazen kuddes koeien. Bordjes waarschuwen ons om ze met rust te laten. Ze kunnen onverwacht uit de hoek komen. Bijgevolg nemen we soms een andere route dan bedoeld, om de confrontatie te vermijden. Plotseling lopen we door een berkenbosje of lang een eiken houtwal. Het is een heel gevarieerd landschap. Routes zijn niet aangegeven. Wel hebben we een kopietje van een soort plattegrond. We verdwalen net niet helemaal. Vreemd en een beetje onwerkelijk. We komen niemand tegen, helemaal niemand. De indruk van ongereptheid wordt daardoor nog sterker. Het gesjok door de zandpaden begint uiteindelijk zijn tol te vergen. We beginnen wat moe te worden en onze benen en voeten te voelen. We bijten nog even door om vol indrukken weer in de Blue Bird te belanden. Dit hadden we toch niet bedacht toen we vanmorgen opstonden.

Ons diner doet vooral denken aan een overhaast vertrek. We hebben een blik bruinebonensoep, een rookworst, wat boterhambeleg en een restant huzarensalade. Voor hongerige wandelaars een waar feestmaal. We eten binnen, maar wel met onze schuifdeur open. Intussen is dat een gelegenheid voor talloze muggen om onze Bird van binnen te bekijken. Wanneer we uiteindelijk de deur dicht schuiven en het licht aandoen ontdekken we ze. Er ontstaat een woordenwisseling over de methode van insectenbestrijding. Het mag bekend zijn dat Joke daarin nogal doelgericht te werk wenst te gaan. Ik van mijn kant zie in gedachten ontelbare rode vlekken op ons meubilair die getuigen van jarenlange jacht. We grijpen terug op de muggenolie. Intussen ben ik al talloze keren gestoken, maar de mugjes zijn niets vergeleken bij de Piranha's die we in Finland tegenkwamen en meer dan een vlooienbeet levert het niet op. Maar we zullen nog dagenlang vliegend ongedierte tegenkomen in ons huisje.

Zondag 7 september 2008
We worden wat langzaam wakker, maar vertrekken toch redelijk bijtijds. Het weer is inderdaad een beetje ingestort. We hebben het mooiste stukje van het weekeinde uitgebuit. Ik wil nog wel even een rondje rijden langs de voorkant van het natuurgebied. Wij zaten natuurlijk precies aan de achterkant. Daar heb je een bezoekerscentrum en nog wat gebouwtjes van Staatsbosbeheer. En een grote parkeerplaats, waar tientallen auto's staan. Ongetwijfeld zijn de inzittenden een kijkje aan het nemen in het bezoekerscentrum of een wandelingetje van krap een kilometer aan het maken achter de ingang van het park. Misschien hebben we nou net het mooiste deel van het park gemist, maar tegen onze eenzame trektocht door de ongerepte natuur kan weinig tegenop. Dat vinden wij dan weer het mooiste.
51.36698N 5.84085E
--> Alle foto's
De weersverwachting voor dit weekeinde was de hele week nogal twijfelachtig. De hele zomer komen er lagedrukgebieden via IJsland op ons afgestormd, die hier zo′n beetje in het niets oplossen. Intussen zorgen ze dan net weer voor een vervelend regenfrontje. De afgelopen week was het precies zo. De verwachting was dat het zondag nog een aardig dagje zou worden. Misschien reden om zaterdag wat later te vertrekken en zondag iets leuks te doen. Maar vrijdagmorgen waren de verwachtingen wat aangepast. Na een natte vrijdag en zaterdagmorgen moet het in de middag nog aardig weer worden en zondagmorgen weer in elkaar storten.

Op het laatste moment ontstaat het volgende plan. Zaterdag vertrekken we naar het oosten of zuidoosten. We doen iets leuks en overnachten daar. Zondag breken weer bijtijds op. Ik moet zondagavond sowieso de nachtdienst in, dus dat komt nog aardig uit.
Vanmorgen sta ik redelijk bijtijds op, terwijl Joke nog ligt te slapen. Ik moet nou toch wel bedenken waar we heen gaan. Ik prik een beetje willekeurig op het internet en blijf al vrij gauw steken op een mini camping boerderij in de buurt van Asten. Dat plaatsje ligt ergens op de grens van Limburg en Brabant. Aardige bijkomstigheid is dat de plek aan de rand ligt van De Grote Peel, een nationaal park van vier bij vier kilometer. Je kan hier nog iets proeven van de sfeer en het landschap van de vroegere Peel.
Als Joke haar nestje uit komt zijn mijn ideeën al aardig uitgewerkt. Ze heeft allerlei vage planen voor dagelijkse beslommeringen en mijn voorstel stuit op een muur van, tja van wat eigenlijk. Ze moet nogal aan het nieuwe idee wennen. Is het uit enthousiasme of beseft ze dat ze sowieso weinig te kiezen heeft, in record tempo is de Blue Bird reisvaardig. Vrolijk zingend reizen we af naar de Peel. Nou ja, Joke zingt nog niet zo erg mee, maar mij bevalt het allemaal wel.

Het weer is grauw en bij vlagen regenachtig, maar wanneer we om een uur of half drie bij het doel aankomen is het in elk geval droog en niet te koud. We hebben de fietsen deze keer niet meegenomen. Het natuurgebied is een wandelgebied, begrijp ik. Dat scheelt ook weer een hele toestand met fietsenrekken en spanbanden.
Als we ons hebben geïnstalleerd nemen we meteen de kuierlatten. De komende tweeënhalf uur wandelen we door zo goed als ongerepte natuur. We zien wilde bramenstruiken, hier en daar een eenzame, soms kale boom, wat gras, hei en riet, veel vennetjes. Er grazen kuddes koeien. Bordjes waarschuwen ons om ze met rust te laten. Ze kunnen onverwacht uit de hoek komen. Bijgevolg nemen we soms een andere route dan bedoeld, om de confrontatie te vermijden. Plotseling lopen we door een berkenbosje of lang een eiken houtwal. Het is een heel gevarieerd landschap. Routes zijn niet aangegeven. Wel hebben we een kopietje van een soort plattegrond. We verdwalen net niet helemaal. Vreemd en een beetje onwerkelijk. We komen niemand tegen, helemaal niemand. De indruk van ongereptheid wordt daardoor nog sterker. Het gesjok door de zandpaden begint uiteindelijk zijn tol te vergen. We beginnen wat moe te worden en onze benen en voeten te voelen. We bijten nog even door om vol indrukken weer in de Blue Bird te belanden. Dit hadden we toch niet bedacht toen we vanmorgen opstonden.

Ons diner doet vooral denken aan een overhaast vertrek. We hebben een blik bruinebonensoep, een rookworst, wat boterhambeleg en een restant huzarensalade. Voor hongerige wandelaars een waar feestmaal. We eten binnen, maar wel met onze schuifdeur open. Intussen is dat een gelegenheid voor talloze muggen om onze Bird van binnen te bekijken. Wanneer we uiteindelijk de deur dicht schuiven en het licht aandoen ontdekken we ze. Er ontstaat een woordenwisseling over de methode van insectenbestrijding. Het mag bekend zijn dat Joke daarin nogal doelgericht te werk wenst te gaan. Ik van mijn kant zie in gedachten ontelbare rode vlekken op ons meubilair die getuigen van jarenlange jacht. We grijpen terug op de muggenolie. Intussen ben ik al talloze keren gestoken, maar de mugjes zijn niets vergeleken bij de Piranha's die we in Finland tegenkwamen en meer dan een vlooienbeet levert het niet op. Maar we zullen nog dagenlang vliegend ongedierte tegenkomen in ons huisje.

Zondag 7 september 2008
We worden wat langzaam wakker, maar vertrekken toch redelijk bijtijds. Het weer is inderdaad een beetje ingestort. We hebben het mooiste stukje van het weekeinde uitgebuit. Ik wil nog wel even een rondje rijden langs de voorkant van het natuurgebied. Wij zaten natuurlijk precies aan de achterkant. Daar heb je een bezoekerscentrum en nog wat gebouwtjes van Staatsbosbeheer. En een grote parkeerplaats, waar tientallen auto's staan. Ongetwijfeld zijn de inzittenden een kijkje aan het nemen in het bezoekerscentrum of een wandelingetje van krap een kilometer aan het maken achter de ingang van het park. Misschien hebben we nou net het mooiste deel van het park gemist, maar tegen onze eenzame trektocht door de ongerepte natuur kan weinig tegenop. Dat vinden wij dan weer het mooiste.
51.36698N 5.84085E
10-08-2008: Gorssel
Zaterdag 9 augustus 2008
Wegens familieverplichtingen hebben wij een reisje naar Deventer in de planning. Hoewel, verplichting is veel te zwaar aangezet. In Deventer woont zoon Rob met zijn lieve vriendin. Haar dochter is jarig en wij zijn nu toch zo langzamerhand een beetje haar opa en oma. Zo′n gelegenheid laat je niet zomaar voorbij gaan. Daarbij is haar zusje intussen een week of tien oud. Zij is niet alleen dochter van Rob′s vriendin, maar ook nog eens van Rob zelf, dus voor ons een kleinkind.
We haasten ons niet om te vertrekken. We maken de Blue Bird gereed, maar veel stelt dat niet voor. Eigenlijk moet alleen het toilet worden klaargemaakt. Verder is het een kwestie van wat kleren en toiletspullen. Gevolg van onze nonchalance is dat we geen handdoeken en droogdoeken meenemen, maar daar zullen we pas later achter komen. Enfin, we vertrekken aan het einde van de morgen.
De reis naar Deventer verloopt niet bijzonder vlot. Bij Den Dolder zetten we de bus even op de parkeerplaats. De monitor van de achteruitrijcamera zakt steeds van de houder af. Het lijkt erop alsof de magneet los zit. Het is geen wereldramp, maar als hij lekker op zijn plek zit is dat toch wat comfortabeler. Ik heb achterin nog een tube secondenlijm liggen en het euvel is al snel verholpen. We kuieren langzaam door over de A27 en de A1. Langzaam moet in dit geval tamelijk letterlijk worden genomen, want het verkeer is best wel druk met vooral vakantiegangers. Het is een raadsel of het vertrekkende gangers zijn of juist terugkerende. Maar je merkt aan het verkeersbeeld dat het een ander soort publiek is dan op doordeweekse dagen. Een pechgeval is al aanleiding voor langzaamrijdend verkeer over drie kilometer. En zo komen we langs drie of vier auto′s die een veilig heenkomen hebben gezocht op de vluchtstrook. Ik heb dan toch te doen met de jongedame die al een heel eind gevorderd is op de afstand van het pechgeval tot de dichtstbijzijnde benzinepomp. Doorgaans is zij niet gekleed op een dergelijke barre tocht wat betreft kleding en vooral ook schoeisel. En wat erger is, doorgaans is de benzinepomp verder weg dan een wandelingetje van vijf minuten. Deze jongedame heeft intussen een mobieltje aan haar oor. Maar er moet een reden zijn waarom van die kant geen hulp gemobiliseerd kan worden. Mijn medelijden is meestal aanleiding voor een aandrang tot weldaad, maar verder is dat gevoel nog nooit gekomen en enige hulp van mijn kant is ook deze keer niet te verwachten. Trouwens ook niet van al die andere honderden auto′s, die op hun beurt met een oprecht leedvermaak het tafereel bezien.
Enfin, het biedt ons de mogelijkheid om diepgaand de echte problemen van deze tijd te bespreken, zoals de onbetrouwbaarheid van de politiek en de dieperliggende oorzaken van de ongevallen met vrachtwagens. Tegen de tijd dat we er uit zijn begint het verkeer weer enigszins vaart te maken en voldaan over onze nieuwe inzichten komen we in Deventer aan. Het feestvarken is druk met alle nieuw gekregen eigendommen. De jongste telg bestudeert vooral de smurfenfiguurtjes aan de draaimolen met bijpassend geklingel. Voor zover mijn geheugen geen loopje met mij neemt is dat deuntje hetzelfde als dertig jaar geleden, toen de nieuwbakken vader zelf nog naar de figuurtjes in zijn draaimolen lag te kijken. Ik maak het kleine wondertje geluidloos aan het lachen en vanaf dat moment zijn haar kleine oogjes steeds op zoek naar die woeste Viking met dat wijd opstaande grijze haar. Wanneer de hele woning en tuin vollopen met jonge ouders en dito kinderen wordt het voor opa tijd om eens verder te trekken.
Ons vertrek uit onze woonstede ging vanmorgen zonder veel omhaal. Het gevolg is dat het tijd wordt om een bestemming te prikken. We komen uiteindelijk uit in de buurt van Raalte. De weg erheen leidt binnendoor. Wanneer we bij Heeten zijn krijg ik oprispingen van mijn herinneringen aan een fraaie route langs Schoonheeten. De herinneringen grijpen terug op een vorig leven, toen ik in Salland mocht wonen gedurende een jaar of zeven. Wanneer we bij een bekend kruispunt komen stuurt onze Truus ons rechtdoor, maar rechtsaf is een van de fraaiste routes van ons land. We gaan rechtsaf. De tractatie bestaat uit een smalle landweg tussen oude beuken, die zo dicht opeen staan en over de weg leunen dat we bijkans door een donkere tunnel rijden. Links kijken we tussen de stammen door op weilanden, kleine percelen door houtwallen omgeven.
>
Hier en daar een rustieke boerderij. Rechts kijken we tegen loofbos aan, waar de zonnestralen geheimzinnige tekeningen maken op de bladeren. Vroeger reed ik wel eens om over deze weg, hoewel ik er helemaal niet hoefde te zijn. Nog steeds verveelt het niet, het was eventjes een klein privé feestje. Maar ook Joke deelt mee in het genot.
Als we in Raalte aankomen op de gedachte plek kom ik tot de ontdekking dat ik mijn portefeuille in Deventer heb laten liggen. We bedenken dat we eventueel morgen vanzelf weer daar in de buurt komen dus Rob moet maar even goed op mijn eigendommen passen. Intussen is Joke op onderzoek uit of we hier kunnen overnachten. Haar eerste vraag in zo′n geval is dan wat de bijbehorende kosten zijn. Ik zal u niet vertellen wat het bedrag was, maar ik heb Joke zelden zo snel een beslissing horen nemen. De beslissing is negatief. We gaan eerst de portefeuille ophalen en zien dan wel weer verder.
Om toch nog een soort aantrekkelijke tocht te maken sla ik af naar de Holterbergweg. Ik ken die weg erg goed, ik heb hem diverse keren met de fiets gereden. Het is een van de mooiste fietsroutes die je in ons land vindt. Op een mooie zondagmiddag is het echter een enorme drukte van sportfietsers, maar ook gemotoriseerd recreatieverkeer. Nu loopt het tegen het einde van de zaterdagmiddag en het is tamelijk rustig. We rijden in een slakkegangetje de hele route naar Holten en het is een fantastische rit. Ik herinner me dat je zelfs op hele drukke dagen niemand meer tegenkomt als je verder van de weg afdwaalt dan honderd meter. We prenten dat nog in ons geheugen voor later nuttig gebruik. Nu rijden we door tot het fraaie Sallandse dorpje, waar ik jaren heb gewoond. Joke wil graag eens kijken waar dat dan was en we slaan af richting centrum. Als we bij het huis komen parkeer ik de Blue Bird en we lopen om het huis heen, dat op dit moment leeg staat. Via een geheime poort in de schutting kruipen we de tuin in en we halen eindeloze herinneringen op, die ik zelf al die jaren heb meegemaakt en die Joke talloze maken heeft horen vertellen. Het valt wat teveel buiten het kader van de avonturen van Blue Bird, maar gelooft u maar, dat we erg onder de indruk zijn.
We keren terug naar Deventer en slaan daarna af naar Gorssel, waar we op een campervriendelijke locatie komen. We moeten een stukje over een zandweg. Voor de luxe camperaars zal dat in het algemeen een onoverkomelijke drempel zijn, wij aarzelen geen moment en worden op een uiterst vriendelijke, gastvrije manier ontvangen door een dame die voor ons een heerlijke zij het wat primitieve plek in gedachten heeft. We mijmeren de avond in en bedenken dat de tijd sinds Elim heeft stilgestaan, maar dat we met een soort natuurlijke vanzelfsprekendheid weer verdergaan waar de camperklok twee weken geleden is gestopt.
Zondag 10 augustus 2008
We staan een beetje onder eikenbomen. Er valt een eikeltje op het dak van de Bird. Het klinkt als een geweerschot. In de nacht blijft het verder rustig. Het is nog geen herfst.
De dag begint grauw en net als we peinzen wat er terecht gaat komen van ons plan om de fietsen te pakken begint het wat te motregenen. We sudderen nog even door met het ontbijt, maar als het min of meer droog is stap ik toch op de fiets, terwijl ik tegen Joke zeg, dat ik zo weer terug ben. Het is genoeg om haar over te halen het vest aan te trekken en op haar eigen fiets te klauteren. We hebben niet een idee van een route, maar voordat we de straat uit zijn vinden we bordjes die duiden op De Drie Kieften route. Eigenlijk is het een wandeltocht, maar hij blijkt ook heel goed te fietsen. De hele tocht is 14 kilometer lang en voor een uurtje of wat op de fiets is dat een hele leuke afstand.

Als u zich altijd heeft afgevraagd hoe een handwijzer aan zijn naam is gekomen moet u dit plaatje eens goed bekijken. De afstand is trouwens niet erg zeker, maar in tijd is het 20 minuten gaans naar 't Joppe.
Wij volgen de kleine zeskanten schildjes die de route aangeven. We rijden door bossages en langs weiden, waarin we veel koeien zien grazen. Jawel, de koeien staan hier gewoon in de wei.

We keuvelen over de kleine en grote boerderijen en maken een keuze welke voldoet aan ons ideaal. Intussen leg ik met mijn schoolmeesterachtige prietpraat uit wat het verschil is tussen de Europese en Amerikaanse eik. Ik geef een toelichting op het verbouwen van mais en leg een logisch verband tussen het uiterlijk van Bert en een maiskolf. Of is het die andere van Sesamstraat, Ernie ?

We leggen de hele tocht af zonder spatje regen. Het was prachtig, wat een leerzaam en boeiend weekeinde was het weer.
De terugtocht naar de kust rijden we in de felle zon die intussen is doorgebroken. Het was weer een cadeautje, zoals Joke pleegt te zeggen.
52.19863 N 6.21439 E
Wegens familieverplichtingen hebben wij een reisje naar Deventer in de planning. Hoewel, verplichting is veel te zwaar aangezet. In Deventer woont zoon Rob met zijn lieve vriendin. Haar dochter is jarig en wij zijn nu toch zo langzamerhand een beetje haar opa en oma. Zo′n gelegenheid laat je niet zomaar voorbij gaan. Daarbij is haar zusje intussen een week of tien oud. Zij is niet alleen dochter van Rob′s vriendin, maar ook nog eens van Rob zelf, dus voor ons een kleinkind.
We haasten ons niet om te vertrekken. We maken de Blue Bird gereed, maar veel stelt dat niet voor. Eigenlijk moet alleen het toilet worden klaargemaakt. Verder is het een kwestie van wat kleren en toiletspullen. Gevolg van onze nonchalance is dat we geen handdoeken en droogdoeken meenemen, maar daar zullen we pas later achter komen. Enfin, we vertrekken aan het einde van de morgen.
De reis naar Deventer verloopt niet bijzonder vlot. Bij Den Dolder zetten we de bus even op de parkeerplaats. De monitor van de achteruitrijcamera zakt steeds van de houder af. Het lijkt erop alsof de magneet los zit. Het is geen wereldramp, maar als hij lekker op zijn plek zit is dat toch wat comfortabeler. Ik heb achterin nog een tube secondenlijm liggen en het euvel is al snel verholpen. We kuieren langzaam door over de A27 en de A1. Langzaam moet in dit geval tamelijk letterlijk worden genomen, want het verkeer is best wel druk met vooral vakantiegangers. Het is een raadsel of het vertrekkende gangers zijn of juist terugkerende. Maar je merkt aan het verkeersbeeld dat het een ander soort publiek is dan op doordeweekse dagen. Een pechgeval is al aanleiding voor langzaamrijdend verkeer over drie kilometer. En zo komen we langs drie of vier auto′s die een veilig heenkomen hebben gezocht op de vluchtstrook. Ik heb dan toch te doen met de jongedame die al een heel eind gevorderd is op de afstand van het pechgeval tot de dichtstbijzijnde benzinepomp. Doorgaans is zij niet gekleed op een dergelijke barre tocht wat betreft kleding en vooral ook schoeisel. En wat erger is, doorgaans is de benzinepomp verder weg dan een wandelingetje van vijf minuten. Deze jongedame heeft intussen een mobieltje aan haar oor. Maar er moet een reden zijn waarom van die kant geen hulp gemobiliseerd kan worden. Mijn medelijden is meestal aanleiding voor een aandrang tot weldaad, maar verder is dat gevoel nog nooit gekomen en enige hulp van mijn kant is ook deze keer niet te verwachten. Trouwens ook niet van al die andere honderden auto′s, die op hun beurt met een oprecht leedvermaak het tafereel bezien.
Enfin, het biedt ons de mogelijkheid om diepgaand de echte problemen van deze tijd te bespreken, zoals de onbetrouwbaarheid van de politiek en de dieperliggende oorzaken van de ongevallen met vrachtwagens. Tegen de tijd dat we er uit zijn begint het verkeer weer enigszins vaart te maken en voldaan over onze nieuwe inzichten komen we in Deventer aan. Het feestvarken is druk met alle nieuw gekregen eigendommen. De jongste telg bestudeert vooral de smurfenfiguurtjes aan de draaimolen met bijpassend geklingel. Voor zover mijn geheugen geen loopje met mij neemt is dat deuntje hetzelfde als dertig jaar geleden, toen de nieuwbakken vader zelf nog naar de figuurtjes in zijn draaimolen lag te kijken. Ik maak het kleine wondertje geluidloos aan het lachen en vanaf dat moment zijn haar kleine oogjes steeds op zoek naar die woeste Viking met dat wijd opstaande grijze haar. Wanneer de hele woning en tuin vollopen met jonge ouders en dito kinderen wordt het voor opa tijd om eens verder te trekken.
Ons vertrek uit onze woonstede ging vanmorgen zonder veel omhaal. Het gevolg is dat het tijd wordt om een bestemming te prikken. We komen uiteindelijk uit in de buurt van Raalte. De weg erheen leidt binnendoor. Wanneer we bij Heeten zijn krijg ik oprispingen van mijn herinneringen aan een fraaie route langs Schoonheeten. De herinneringen grijpen terug op een vorig leven, toen ik in Salland mocht wonen gedurende een jaar of zeven. Wanneer we bij een bekend kruispunt komen stuurt onze Truus ons rechtdoor, maar rechtsaf is een van de fraaiste routes van ons land. We gaan rechtsaf. De tractatie bestaat uit een smalle landweg tussen oude beuken, die zo dicht opeen staan en over de weg leunen dat we bijkans door een donkere tunnel rijden. Links kijken we tussen de stammen door op weilanden, kleine percelen door houtwallen omgeven.
>Hier en daar een rustieke boerderij. Rechts kijken we tegen loofbos aan, waar de zonnestralen geheimzinnige tekeningen maken op de bladeren. Vroeger reed ik wel eens om over deze weg, hoewel ik er helemaal niet hoefde te zijn. Nog steeds verveelt het niet, het was eventjes een klein privé feestje. Maar ook Joke deelt mee in het genot.
Als we in Raalte aankomen op de gedachte plek kom ik tot de ontdekking dat ik mijn portefeuille in Deventer heb laten liggen. We bedenken dat we eventueel morgen vanzelf weer daar in de buurt komen dus Rob moet maar even goed op mijn eigendommen passen. Intussen is Joke op onderzoek uit of we hier kunnen overnachten. Haar eerste vraag in zo′n geval is dan wat de bijbehorende kosten zijn. Ik zal u niet vertellen wat het bedrag was, maar ik heb Joke zelden zo snel een beslissing horen nemen. De beslissing is negatief. We gaan eerst de portefeuille ophalen en zien dan wel weer verder.
Om toch nog een soort aantrekkelijke tocht te maken sla ik af naar de Holterbergweg. Ik ken die weg erg goed, ik heb hem diverse keren met de fiets gereden. Het is een van de mooiste fietsroutes die je in ons land vindt. Op een mooie zondagmiddag is het echter een enorme drukte van sportfietsers, maar ook gemotoriseerd recreatieverkeer. Nu loopt het tegen het einde van de zaterdagmiddag en het is tamelijk rustig. We rijden in een slakkegangetje de hele route naar Holten en het is een fantastische rit. Ik herinner me dat je zelfs op hele drukke dagen niemand meer tegenkomt als je verder van de weg afdwaalt dan honderd meter. We prenten dat nog in ons geheugen voor later nuttig gebruik. Nu rijden we door tot het fraaie Sallandse dorpje, waar ik jaren heb gewoond. Joke wil graag eens kijken waar dat dan was en we slaan af richting centrum. Als we bij het huis komen parkeer ik de Blue Bird en we lopen om het huis heen, dat op dit moment leeg staat. Via een geheime poort in de schutting kruipen we de tuin in en we halen eindeloze herinneringen op, die ik zelf al die jaren heb meegemaakt en die Joke talloze maken heeft horen vertellen. Het valt wat teveel buiten het kader van de avonturen van Blue Bird, maar gelooft u maar, dat we erg onder de indruk zijn.
We keren terug naar Deventer en slaan daarna af naar Gorssel, waar we op een campervriendelijke locatie komen. We moeten een stukje over een zandweg. Voor de luxe camperaars zal dat in het algemeen een onoverkomelijke drempel zijn, wij aarzelen geen moment en worden op een uiterst vriendelijke, gastvrije manier ontvangen door een dame die voor ons een heerlijke zij het wat primitieve plek in gedachten heeft. We mijmeren de avond in en bedenken dat de tijd sinds Elim heeft stilgestaan, maar dat we met een soort natuurlijke vanzelfsprekendheid weer verdergaan waar de camperklok twee weken geleden is gestopt.
Zondag 10 augustus 2008
We staan een beetje onder eikenbomen. Er valt een eikeltje op het dak van de Bird. Het klinkt als een geweerschot. In de nacht blijft het verder rustig. Het is nog geen herfst.
De dag begint grauw en net als we peinzen wat er terecht gaat komen van ons plan om de fietsen te pakken begint het wat te motregenen. We sudderen nog even door met het ontbijt, maar als het min of meer droog is stap ik toch op de fiets, terwijl ik tegen Joke zeg, dat ik zo weer terug ben. Het is genoeg om haar over te halen het vest aan te trekken en op haar eigen fiets te klauteren. We hebben niet een idee van een route, maar voordat we de straat uit zijn vinden we bordjes die duiden op De Drie Kieften route. Eigenlijk is het een wandeltocht, maar hij blijkt ook heel goed te fietsen. De hele tocht is 14 kilometer lang en voor een uurtje of wat op de fiets is dat een hele leuke afstand.

Als u zich altijd heeft afgevraagd hoe een handwijzer aan zijn naam is gekomen moet u dit plaatje eens goed bekijken. De afstand is trouwens niet erg zeker, maar in tijd is het 20 minuten gaans naar 't Joppe.
Wij volgen de kleine zeskanten schildjes die de route aangeven. We rijden door bossages en langs weiden, waarin we veel koeien zien grazen. Jawel, de koeien staan hier gewoon in de wei.

We keuvelen over de kleine en grote boerderijen en maken een keuze welke voldoet aan ons ideaal. Intussen leg ik met mijn schoolmeesterachtige prietpraat uit wat het verschil is tussen de Europese en Amerikaanse eik. Ik geef een toelichting op het verbouwen van mais en leg een logisch verband tussen het uiterlijk van Bert en een maiskolf. Of is het die andere van Sesamstraat, Ernie ?

We leggen de hele tocht af zonder spatje regen. Het was prachtig, wat een leerzaam en boeiend weekeinde was het weer.
De terugtocht naar de kust rijden we in de felle zon die intussen is doorgebroken. Het was weer een cadeautje, zoals Joke pleegt te zeggen.
52.19863 N 6.21439 E
28-07-2008: Elim
Zo nu en dan moet je er toch weer even uit. Afgelopen weekeinde dachten we dat het te beroerd weer was om op pad te gaan. Het moet gezegd dat het in Scheveningen 's-avonds aardig weer was. We zaten een hapje te eten aan de boulevard. Nou is een plekje aan de kust doorgaans geen maat voor de rest van het land, dus we weten eigenlijk nog niets.
Dit weekeinde namen we het zekere voor het onzekere. Joke had de weerkaart bestudeerd. Overal was iets met een zonnetje en een wolkje behalve in Drente. Daar was een mooi rond zonnetje ingetekend. Wij koersten naar Hoogeveen.
Omdat er op de A28 een file stond heb ik bij Utrecht de A27 genomen. Zodoende kwamen we in de polder uit en uiteindelijk in Kampen. We hebben er een heerlijke wandeling gemaakt en koffie gedronken met vlaai aan de IJssel, beide uit eigen voorraad.

We hadden als bestemming een plekje bij een boerderij in Elim met als uitwijk een camperplaats aan een jachthaven in Emmen. De boerderij voldeed prima. Wij hebben ons daar in alle rust geïnstalleerd. Het is natuurlijk hoogseizoen, maar alle boederij-campings, mini-campings en wat iedereen heeft verzonnen lijken helemaal verlaten. Drente lijkt geen toeristisch land. Een klein fietstochtje door de omgeving toonde wel een uitgebreid scala aan luxe villa's, villa's in aanbouw, villa's in verbouw. Ik zag in elke straat ook een autohandelaar. Er is niet echt een duidelijk beeld ontstaan over wat voor gemeenschap hier nou toch leeft. Het vooroordeel van armoedige plaggenhutjes in veenkolonies snijdt in elk geval weinig hout.
De Drenten groeten wanneer ze iemand tegenkomen. Ik heb een tijd in het oosten van het land gewoond en ben daaraan wel enigszins gewend. Voor Joke is het altijd nog wat onwennig, maar ze past zich snel aan. De soort groet is blijkbaar streekgebonden. Vaak kan je volstaan met 'hallo' of 'dag' of 'mogge', in Drente is het ondubbelzinnig HOI, luid en duidelijk uitgesproken. Bij sommigen neigt het iets meer naar HAI, maar iemand die 'hallo' zegt is beslist import.
We rommelen wat met poffertjes en poedersuiker, wat ons diner is. We zijn zomaar impulsief vertrokken en hebben niet een komplete provisiekast bij ons. Bovendien hadden we geen zin om onze tijd te verdoen met het halen van boodschappen. Een beetje improviseren dus. Wat later op de avond moeten we toch alles binnen halen en de luifel opdraaien. Er komt een gitzwarte lucht aandrijven. Het is een constant geflikker van bliksem en een doorlopend monotoon gerommel van de donder. De bui schuift wat langs ons heen, maar het regent hard genoeg en een enkele keer krijgen we toch een aardige donderklap mee. Het is snikheet. Het water loopt over onze armen. We houden zoveel mogelijk open, zolang het maar niet inregent. Maar de temperatuur zakt in een uur tijd iets van twaalf graden. Dan is het evengoed nog bijna twintig graden, dus we kunnen het lijden.
's-Nachts houd ik de blinderingen open zodat ik vanuit mijn bed naar het lichtspel van het onweer kan kijken, maar ik ben toch binnen een paar tellen van de wereld.

De volgende morgen is het weer heel rustig weer, een aangename temperatuur en een leuk uitzicht. Joke noemt het onze wissellijst. We zien nu een paar schapen, twee paarden elk met een veulentje en een kudde koeien. We maken vandaag een fietstocht. Er staan ANWB-bordjes: 10-dorpen-route. Het is een prachtige tocht, vaak over kleine smalle fietspaadjes, waar je moet afstappen als je iemand tegen komt. We fietsen door landerijen, bossen, langs sloten. Na een uur of twee zijn we weer terug bij de Blue Bird. We vertrekken weer naar Leidschendam. We waren er weer heerlijk tussenuit.

52.67111 N, 6.57757 E
Dit weekeinde namen we het zekere voor het onzekere. Joke had de weerkaart bestudeerd. Overal was iets met een zonnetje en een wolkje behalve in Drente. Daar was een mooi rond zonnetje ingetekend. Wij koersten naar Hoogeveen.
Omdat er op de A28 een file stond heb ik bij Utrecht de A27 genomen. Zodoende kwamen we in de polder uit en uiteindelijk in Kampen. We hebben er een heerlijke wandeling gemaakt en koffie gedronken met vlaai aan de IJssel, beide uit eigen voorraad.

We hadden als bestemming een plekje bij een boerderij in Elim met als uitwijk een camperplaats aan een jachthaven in Emmen. De boerderij voldeed prima. Wij hebben ons daar in alle rust geïnstalleerd. Het is natuurlijk hoogseizoen, maar alle boederij-campings, mini-campings en wat iedereen heeft verzonnen lijken helemaal verlaten. Drente lijkt geen toeristisch land. Een klein fietstochtje door de omgeving toonde wel een uitgebreid scala aan luxe villa's, villa's in aanbouw, villa's in verbouw. Ik zag in elke straat ook een autohandelaar. Er is niet echt een duidelijk beeld ontstaan over wat voor gemeenschap hier nou toch leeft. Het vooroordeel van armoedige plaggenhutjes in veenkolonies snijdt in elk geval weinig hout.
De Drenten groeten wanneer ze iemand tegenkomen. Ik heb een tijd in het oosten van het land gewoond en ben daaraan wel enigszins gewend. Voor Joke is het altijd nog wat onwennig, maar ze past zich snel aan. De soort groet is blijkbaar streekgebonden. Vaak kan je volstaan met 'hallo' of 'dag' of 'mogge', in Drente is het ondubbelzinnig HOI, luid en duidelijk uitgesproken. Bij sommigen neigt het iets meer naar HAI, maar iemand die 'hallo' zegt is beslist import.
We rommelen wat met poffertjes en poedersuiker, wat ons diner is. We zijn zomaar impulsief vertrokken en hebben niet een komplete provisiekast bij ons. Bovendien hadden we geen zin om onze tijd te verdoen met het halen van boodschappen. Een beetje improviseren dus. Wat later op de avond moeten we toch alles binnen halen en de luifel opdraaien. Er komt een gitzwarte lucht aandrijven. Het is een constant geflikker van bliksem en een doorlopend monotoon gerommel van de donder. De bui schuift wat langs ons heen, maar het regent hard genoeg en een enkele keer krijgen we toch een aardige donderklap mee. Het is snikheet. Het water loopt over onze armen. We houden zoveel mogelijk open, zolang het maar niet inregent. Maar de temperatuur zakt in een uur tijd iets van twaalf graden. Dan is het evengoed nog bijna twintig graden, dus we kunnen het lijden.
's-Nachts houd ik de blinderingen open zodat ik vanuit mijn bed naar het lichtspel van het onweer kan kijken, maar ik ben toch binnen een paar tellen van de wereld.

De volgende morgen is het weer heel rustig weer, een aangename temperatuur en een leuk uitzicht. Joke noemt het onze wissellijst. We zien nu een paar schapen, twee paarden elk met een veulentje en een kudde koeien. We maken vandaag een fietstocht. Er staan ANWB-bordjes: 10-dorpen-route. Het is een prachtige tocht, vaak over kleine smalle fietspaadjes, waar je moet afstappen als je iemand tegen komt. We fietsen door landerijen, bossen, langs sloten. Na een uur of twee zijn we weer terug bij de Blue Bird. We vertrekken weer naar Leidschendam. We waren er weer heerlijk tussenuit.

52.67111 N, 6.57757 E
08-07-2008: Sterretje
In het Petersburg-verslag heb ik het er niet zo uitgebreid over gehad, maar het was wel een punt dat de hele vakantie op de achtergrond in ons hoofd hing.
Vlak voor Trakai draaide er voor ons een kiepwagen de weg op. Er viel een stevige steen vanaf die een keurige ster in onze voorruit achterliet. Niet zo'n kleintje, meer een supernova. Ik overdrijf het een beetje.
We waren krap een week onderweg en moesten nog drie weken, nog 4.500 kilometer en nog een stuk door een groot, vreemd land waar barbaren en kanibalen wonen, die je eerder beroven en opvreten dan dat ze je zullen helpen. Het zijn hele aardige, behulpzame en vriendelijke mensen, maar op dat moment weet je dat nog niet.
De eerste paar kilometers verwacht je dat de ruit met een grote knal in duizenden splinters uit elkaar zal klappen. Later word je er iets minder ongerust op, maar je blijft kijken of die barst nou groter is geworden of niet.
In Riga hebben we geprobeerd om een glasreparateur te vinden. De man van de camping heeft ons enorm geholpen om reparatiebedrijven te vinden. Wij doen alleen banden, geen ruiten. Probeer eens om de hoek. Enfin, zo waren we een uurtje of wat kwijt en hebben het er maar even bij gelaten.
De reis door Rusland naar Sint Petersburg was sowieso een reis door de onderwereld. Een mogelijke ruitbreuk was maar een van de onderwerpen in het rijtje enge dingen die ons zouden kunnen overkomen, een kapot wiel, een aanrijding, kastjes die naar beneden vallen, het trapje of de vuilwatertank er onderuit gereden. Ook het urenlang wachten in de hitte, met de zon recht op onze nieuwe ster, maakte het er niet beter op. Maar alles bleef heel, ook bij het hotel. De reis naar Finland was beter, maar er zaten ook slechte plekken tussen.
Toen we eenmaal in Finland reden en de ster onveranderlijk was blijven zitten hebben we onze zorg laten varen. De rest van de reis zou die het ook nog wel uithouden. Dat is ook gebeurd en intussen is de ster alweer gemaakt.
Ik had geen noodruit bij me, zo'n plastic geval. Maar als u weet dat een voorruit van een Ducato ongeveer een komplete voortent nodig heeft, dan begrijpt u dat ik daarin weinig vertrouwen heb. Bovendien ligt er heel veel glas in je auto als de ruit springt. De enige oplossing is: zeil eroverheen en afvoeren naar een garage.
Maar ook dat kleine avontuur is weer goed afgelopen.
Vlak voor Trakai draaide er voor ons een kiepwagen de weg op. Er viel een stevige steen vanaf die een keurige ster in onze voorruit achterliet. Niet zo'n kleintje, meer een supernova. Ik overdrijf het een beetje.
We waren krap een week onderweg en moesten nog drie weken, nog 4.500 kilometer en nog een stuk door een groot, vreemd land waar barbaren en kanibalen wonen, die je eerder beroven en opvreten dan dat ze je zullen helpen. Het zijn hele aardige, behulpzame en vriendelijke mensen, maar op dat moment weet je dat nog niet.
De eerste paar kilometers verwacht je dat de ruit met een grote knal in duizenden splinters uit elkaar zal klappen. Later word je er iets minder ongerust op, maar je blijft kijken of die barst nou groter is geworden of niet.
In Riga hebben we geprobeerd om een glasreparateur te vinden. De man van de camping heeft ons enorm geholpen om reparatiebedrijven te vinden. Wij doen alleen banden, geen ruiten. Probeer eens om de hoek. Enfin, zo waren we een uurtje of wat kwijt en hebben het er maar even bij gelaten.
De reis door Rusland naar Sint Petersburg was sowieso een reis door de onderwereld. Een mogelijke ruitbreuk was maar een van de onderwerpen in het rijtje enge dingen die ons zouden kunnen overkomen, een kapot wiel, een aanrijding, kastjes die naar beneden vallen, het trapje of de vuilwatertank er onderuit gereden. Ook het urenlang wachten in de hitte, met de zon recht op onze nieuwe ster, maakte het er niet beter op. Maar alles bleef heel, ook bij het hotel. De reis naar Finland was beter, maar er zaten ook slechte plekken tussen.
Toen we eenmaal in Finland reden en de ster onveranderlijk was blijven zitten hebben we onze zorg laten varen. De rest van de reis zou die het ook nog wel uithouden. Dat is ook gebeurd en intussen is de ster alweer gemaakt.
Ik had geen noodruit bij me, zo'n plastic geval. Maar als u weet dat een voorruit van een Ducato ongeveer een komplete voortent nodig heeft, dan begrijpt u dat ik daarin weinig vertrouwen heb. Bovendien ligt er heel veel glas in je auto als de ruit springt. De enige oplossing is: zeil eroverheen en afvoeren naar een garage.
Maar ook dat kleine avontuur is weer goed afgelopen.
06-07-2008: Sint Petersburg: Het Verhaal
--> De foto's
We hadden het verslag onderweg al ingetypt op onze laptop. Het is wat moeizamer schrijven dan gewoon met pen en papier, maar je hoeft er thuis niet zoveel aan te doen. We hebben het intussen vier of vijf keer overgelezen en alle fouten eruit gehaald. En toch vinden we straks natuurlijk nog het een en ander. Het is ons lot.
Enfin, het is nu klaar. We hebben er dit weekeinde een aantal foto's ingeplakt om het wat te verlevendigen. Het is een heel boekwerk, 81 bladzijden. Ik heb er dit keer een inhoudsopgave bijgedaan. Dan kunt u gemakkelijker bladeren en de hoofdstukken uitkiezen die u interesseren.
Pas wel op als u op onderstaande link klikt, de download is 3,6 MB groot. Maar daar krijgt u ook wat voor terug !
--> Sint Petersburg: Het Verhaal
We hadden het verslag onderweg al ingetypt op onze laptop. Het is wat moeizamer schrijven dan gewoon met pen en papier, maar je hoeft er thuis niet zoveel aan te doen. We hebben het intussen vier of vijf keer overgelezen en alle fouten eruit gehaald. En toch vinden we straks natuurlijk nog het een en ander. Het is ons lot.
Enfin, het is nu klaar. We hebben er dit weekeinde een aantal foto's ingeplakt om het wat te verlevendigen. Het is een heel boekwerk, 81 bladzijden. Ik heb er dit keer een inhoudsopgave bijgedaan. Dan kunt u gemakkelijker bladeren en de hoofdstukken uitkiezen die u interesseren.
Pas wel op als u op onderstaande link klikt, de download is 3,6 MB groot. Maar daar krijgt u ook wat voor terug !
--> Sint Petersburg: Het Verhaal
05-07-2008: Sint Petersburg (13)
We zijn terug. We hebben nu een verslag van zo'n zestig bladzijden en 750 foto's. Maar we gaan eerst de bus schoonmaken. Later meer.
Wat een avontuur !
Wat een avontuur !
22-06-2008: Sint Petersburg (12)
Inmiddels zijn we aangekomen in Sint Petersburg. We zijn nu op de helft, we moeten natuurlijk ook nog terug. Maar het doel is alvast bereikt. We hebben al een bladzijde of vijftien geschreven tekst, daarbij een paar honderd foto's en een meter of wat video. Het rijden in Rusland is een ramp, maar voorlopig hebben we alles nog heel. Deze dagen zitten we in een hotel. Woensdag gaan we verder. Als we heelhuids de grens halen van Finland dan krijgen we goede hoop dat we ook weer met de Blue Bird thuis zullen komen.
Even een voorproefje. De reis tot aan Rusland was eigenlijk heel ontspannen en gevarieerd, precies zoals het reizen met een camper bedoeld is. De Russische grens is een heel gedoe. We deden er iets van negen uur over om van de ene kant naar de andere kant te komen. Dan moet je nog iets van 150 kilometer tot in Petersburg. Je neemt de hoofdweg, de E20. Die bestaat grotendeels uit kuilen, meer dan asfalt. Wegwerkzaamheden worden eigenlijk niet aangegeven. De Russen rijden als gekken. Ze halen je gewoon in, of het nou kan of niet. Om de haverklap liggen hun auto's in de kreukels door een aanrijding of doordat ze het gewoon niet hebben uitgehouden. Daar zaten wij tussen met de Bird en onze Hollandse fietsen achterop. In Petersburg kan je geen straatnamen en verkeersborden lezen, dus het komt aan op veel gezond verstand en goed gevoel. En op een betrouwbare navigator naast je, een van vlees en bloed, Joke dus. En een goede gedetaileerde stratenplan. De Truus van Tomtom weet er geen enkele weg.
Goed, Intussen staat de Blue Bird voor het hotel op een keurige bewaakte parkeerplaats. Wij hebben lekker gedoucht, eten buiten de deur en stappen voor een halve cent en nog iets in de metro en zitten in het centrum. Als je daar zo langs de straat wandelt kan je je al niet meer voorstellen dat je er gisteren zelf reed met het blauwe geval. Het is iets onwezenlijks. Maar als we het hotel uitstappen staat hij er toch echt, met de fietsjes erop. Het is iets bizars.
Goed, later meer.
Even een voorproefje. De reis tot aan Rusland was eigenlijk heel ontspannen en gevarieerd, precies zoals het reizen met een camper bedoeld is. De Russische grens is een heel gedoe. We deden er iets van negen uur over om van de ene kant naar de andere kant te komen. Dan moet je nog iets van 150 kilometer tot in Petersburg. Je neemt de hoofdweg, de E20. Die bestaat grotendeels uit kuilen, meer dan asfalt. Wegwerkzaamheden worden eigenlijk niet aangegeven. De Russen rijden als gekken. Ze halen je gewoon in, of het nou kan of niet. Om de haverklap liggen hun auto's in de kreukels door een aanrijding of doordat ze het gewoon niet hebben uitgehouden. Daar zaten wij tussen met de Bird en onze Hollandse fietsen achterop. In Petersburg kan je geen straatnamen en verkeersborden lezen, dus het komt aan op veel gezond verstand en goed gevoel. En op een betrouwbare navigator naast je, een van vlees en bloed, Joke dus. En een goede gedetaileerde stratenplan. De Truus van Tomtom weet er geen enkele weg.
Goed, Intussen staat de Blue Bird voor het hotel op een keurige bewaakte parkeerplaats. Wij hebben lekker gedoucht, eten buiten de deur en stappen voor een halve cent en nog iets in de metro en zitten in het centrum. Als je daar zo langs de straat wandelt kan je je al niet meer voorstellen dat je er gisteren zelf reed met het blauwe geval. Het is iets onwezenlijks. Maar als we het hotel uitstappen staat hij er toch echt, met de fietsjes erop. Het is iets bizars.
Goed, later meer.
07-06-2008: Sint Petersburg (11)
We zijn met de laatste voorbereidingen bezig. De watertank is gevuld. De wc ook, de koelkast aan. Alle kleren erin, kaarten boeken. Lpg gevuld.
Ik heb de kranen even laten doorlopen. Ze kwamen nogal slecht op gang. Maar ineens kwam het water uit de vloer naar buiten gelopen. Eigenlijk liep het overal. Ik heb het toiletkastje in de douche gesloopt en het bleek dat de kraan uit elkaar was gevallen. in plaats van in de slang stroomde het water nu zo achter de kastjes. Alles kleddernat, maar het moet maar drogen. We zien wel of het bol of krom gaat staan.
Ik heb de grijswatertank nog even opengezet. Toen ik hem dicht deed viel de aansluiting van de afsluiter er af.
De bus begint nu al te desintergreren. Maar we hebben geluk. Dit soort dingetjes gebeurt meeastal niet als je nog voor de deur thuis staat. Meestal als je onderweg bent.
Ik heb de kranen even laten doorlopen. Ze kwamen nogal slecht op gang. Maar ineens kwam het water uit de vloer naar buiten gelopen. Eigenlijk liep het overal. Ik heb het toiletkastje in de douche gesloopt en het bleek dat de kraan uit elkaar was gevallen. in plaats van in de slang stroomde het water nu zo achter de kastjes. Alles kleddernat, maar het moet maar drogen. We zien wel of het bol of krom gaat staan.
Ik heb de grijswatertank nog even opengezet. Toen ik hem dicht deed viel de aansluiting van de afsluiter er af.
De bus begint nu al te desintergreren. Maar we hebben geluk. Dit soort dingetjes gebeurt meeastal niet als je nog voor de deur thuis staat. Meestal als je onderweg bent.
06-06-2008: Fietsen (3)
De constructie van de fietsendrager blijft reden tot zorg. Ik heb al alternatieve oplossingen bedacht, maar de leverancier, Fiamma, werkt er niet aan mee. Ik heb intussen gezocht naar alternatieve fietsendragers, maar ik kon ze nog niet vinden. Misschien dat ik later nog eens in detail vertel wat er niet goed zit. In elk geval wordt het geheel ontwricht door het gewicht van de fiets, die gedeeltelijk naast de drager hangt.
Binnenkort vertrekken we naar verre landen en we willen toch de fietsen meenemen. Ik heb nu een noodoplossing bedacht. Een tijdje geleden bracht een medecamperaar me op dat idee.

Het is een simpele constructie van een vurenhouten balkje dat de kritische drager ondersteunt. Een beetje blauwe verf uit een spuitbus levert de 'finishing touch'.
Het spanbandje is tegen het verliezen.
Binnenkort vertrekken we naar verre landen en we willen toch de fietsen meenemen. Ik heb nu een noodoplossing bedacht. Een tijdje geleden bracht een medecamperaar me op dat idee.

Het is een simpele constructie van een vurenhouten balkje dat de kritische drager ondersteunt. Een beetje blauwe verf uit een spuitbus levert de 'finishing touch'.
Het spanbandje is tegen het verliezen.
05-06-2008: Sint Petersburg (10)
Ik had hem nog liggen. En om in een ver vreemd land discussies te vermijden hem ik hem er maar opgeplakt:

27-05-2008: Sint Petersburg (9)
Ik heb vanmorgen de visa opgehaald. Dat gedeelte is nu in orde.
Nog even een sfeerfotootje:
Nog even een sfeerfotootje:

20-05-2008: Kleine beurt
Ik had de Bird nog een kleine beurt willen laten geven. Hij heeft nu dik 17000 kilometer gelopen en volgende maand gaat hij met gemak over de 20000 heen. Maar de tijden zijn veranderd. Tegenwoordig gaat een auto om de 40000 naar de garage. Een beurt is nog niet nodig. Wel zijn er nog wat kleine garantie-dingetjes. Die worden gratis uitgevoerd. Ik zag een dikke zekering in het onderhoudsmapje en er moet nog de een of andere spray ergens op worden gespoten. En misschien nog wel wat. Prima, zolang het niets kost.
Een kleine schatting leert dat we in een jaar tijd zo rond de 30000 kilometer uitkomen. We hadden een verzekering afgesloten met een onberperkt aantal kilometers. Dat is toch wel een goed idee geweest.
Een kleine schatting leert dat we in een jaar tijd zo rond de 30000 kilometer uitkomen. We hadden een verzekering afgesloten met een onberperkt aantal kilometers. Dat is toch wel een goed idee geweest.
19-05-2008: Sint Petersburg (8)
Vandaag heb ik de visumaanvraag geregeld. De formulieren zijn ingeleverd bij het consulaat van Rusland. Daar is nog een hele voorbereiding aan voorafgegaan. Je moet natuurlijk het aanvraagformulier invullen, pasfoto erbij. Verder heb je een bewijs nodig van je hotelreservering en een bewijs dat het hotel vooruit is betaald. Dat hotel geeft ook een Visa Support Letter af. Normaal gesproken moet je voor een visum een uitnodiging hebben van een locale instantie of een privé-persoon. Die uitnodiging moet worden afgegeven door het OVIR, het plaatselijk bureau van het Ministerie van Binnenlandse Zaken.
Het was een tijdlang niet duidelijk of wij nou wel of niet zo'n uitnodiging nodig hebben. Ik had vorige week bedacht dat het consulaat dat wel zou kunnen zeggen. Die hebben dan wel een telefoonnummer, maar dat wordt niet opgenomen. Ik wilde toch een antwoord hebben dus ik ben op de fiets gestapt en erheen gereden. Met de auto is dat vrijwel niet te doen, vanwege een schrijnend gebrek aan parkeermogelijkheden. Voor het consulaat stond een lange rij wachtenden, maar ik ben er maar gewoon bij gaan staan. Mensen in de rij bevestigden dat je zo'n uitnodiging nodig hebt, dus ik had toch een antwoord en ik kon de rij weer verlaten. Thuisgekomen heb ik alle websites afgezocht, maar het bleef een welles-nietes verhaal. Ik heb uiteindelijk een visumbureau gebeld die mij vertelden dat je dat niet nodig hebt voor een toeristenvisum, mits je een Visa Support Letter van je hotel hebt.
Tenslotte heb je nodig een buitenlandverklaring van je ziektekostenverzekering. Die had ik al aangevraagd, maar de datum die daarop stond was augustus 2008 en we gaan toch al iets eerder. Afgelopen vrijdag kon Joke dat op de valreep nog recht laten zetten.
O ja, en je moet vooraf je aanvraag betalen.
Vanmorgen om half negen stond ik alweer op de Laan van Meerdervoort. Het consulaat gaat om negen uur open, maar gezien de rij van vorige week wilde ik geen risico nemen. Ik was toch nog de zevende in de rij. Stipt om negen uur mogen de eerste zes naar binnen. Een kwartier later was ik aan de beurt. Toch nog spannend of je alles nou in orde hebt of dat je weer wordt weggestuurd. Alles was in orde. Vanaf vrijdag is zijn de visa op te halen. Ik heb gevraagd voor dinsdag over een week. Dat scheelt weer een vrije dag.
Je kunt je visumaanvraag ook door een visumbureau laten verzorgen. Maar dit is natuurlijk veel leuker. En je bespaart je nog eens € 35,- per aanvraag. Maar ja, daar kan je al bijna geen vrij voor nemen. En het is dat wij zo dicht bij wonen, want als je ook nog een treinkaartje moet kopen ...
Het was een tijdlang niet duidelijk of wij nou wel of niet zo'n uitnodiging nodig hebben. Ik had vorige week bedacht dat het consulaat dat wel zou kunnen zeggen. Die hebben dan wel een telefoonnummer, maar dat wordt niet opgenomen. Ik wilde toch een antwoord hebben dus ik ben op de fiets gestapt en erheen gereden. Met de auto is dat vrijwel niet te doen, vanwege een schrijnend gebrek aan parkeermogelijkheden. Voor het consulaat stond een lange rij wachtenden, maar ik ben er maar gewoon bij gaan staan. Mensen in de rij bevestigden dat je zo'n uitnodiging nodig hebt, dus ik had toch een antwoord en ik kon de rij weer verlaten. Thuisgekomen heb ik alle websites afgezocht, maar het bleef een welles-nietes verhaal. Ik heb uiteindelijk een visumbureau gebeld die mij vertelden dat je dat niet nodig hebt voor een toeristenvisum, mits je een Visa Support Letter van je hotel hebt.
Tenslotte heb je nodig een buitenlandverklaring van je ziektekostenverzekering. Die had ik al aangevraagd, maar de datum die daarop stond was augustus 2008 en we gaan toch al iets eerder. Afgelopen vrijdag kon Joke dat op de valreep nog recht laten zetten.
O ja, en je moet vooraf je aanvraag betalen.
Vanmorgen om half negen stond ik alweer op de Laan van Meerdervoort. Het consulaat gaat om negen uur open, maar gezien de rij van vorige week wilde ik geen risico nemen. Ik was toch nog de zevende in de rij. Stipt om negen uur mogen de eerste zes naar binnen. Een kwartier later was ik aan de beurt. Toch nog spannend of je alles nou in orde hebt of dat je weer wordt weggestuurd. Alles was in orde. Vanaf vrijdag is zijn de visa op te halen. Ik heb gevraagd voor dinsdag over een week. Dat scheelt weer een vrije dag.
Je kunt je visumaanvraag ook door een visumbureau laten verzorgen. Maar dit is natuurlijk veel leuker. En je bespaart je nog eens € 35,- per aanvraag. Maar ja, daar kan je al bijna geen vrij voor nemen. En het is dat wij zo dicht bij wonen, want als je ook nog een treinkaartje moet kopen ...
11-05-2008: Runcorn
Begin mei waren we weer in Engeland op familiebezoek. De Blue Bird gereed voor vertrek, het weer was wat aarzelend, maar voorbode van een aantal zomerse

dagen. We hadden de fietsen bij ons en een plan om een dag eens gewoon ergens te blijven. Dat is voor ons uitzonderlijk, zelfs op onze rustdagen rijden we nog een vrolijke toerrit van een paar honderd kilometer. Hoe het ons is vergaan leest u hier.
Woensdag 30 april 2008 (342km)
We vertrekken in de loop van de middag, zo tegen vier uur. We hadden vandaag eerst nog wat andere feestelijkheden te vervullen. Het doel van vandaag is Calais. Het maakt eigenlijk niet uit hoe laat we aankomen, als we morgenochtend maar op tijd bij de boot zijn. Het voordeel is dat we de camperplaats bij de haven in Calais al kennen. We hoeven ons niet druk te maken wat we er zullen aantreffen.
In Nederland is het vandaag een soort van nationale feestdag. De koningin gaat klootschieten in Franeker. In België is er minder te vieren en is iedereen maar gewoon aan het werk gegaan vandaag. We rijden tegen vier uur van huis weg. Een klein rekensommetje leert dat je dan precies in de avondspits bij Antwerpen bent. De ring staat vast van Antwerpen-noord tot de Kennedytunnel. We hadden ook langs de andere kant kunnen rijden door de Liefkenshoektunnel, maar daar betaal je tol en we blijven Hollanders. De vertraging beloopt ongeveer een half uur.

We kennen onze overnachtingsplek weliswaar, maar als we aankomen zijn alle plaatsen bezet. We rijden ons met drie campers klem en aangezien ik de laatste ben rijd ik met gezwinde spoed achteruit. Ik had bij de ingang nog een laatste plekje gezien en als er nog een plekje te vergeven is dan schrompelt mijn beleefdheid tot minimaal niveau. Sommige gasten zetten hun camper buiten op de gewone parkeerplaatsen, anderen vertrekken zonder een moment te aarzelen. Later ontdekken we dat de creatieve trekkers een plaatsje op het terrein van de ferryterminal hebben ingenomen. We brengen de avond door met een kleine strandwandeling en een bezoek aan de locale snackbar, waar we een specialité de la maison nemen, een stokbrood met ham, champignons, spek, sla, weet-ik-veel, saus naar keuze en daaroverheen een emmer patat. Verder bestuderen we de aankomst van verscheidene enthousiaste gasten die vol vertrouwen de standplaats oprijden en na een minuut of vier weer eruit rijden. We doen zelfs de gordijntjes niet dicht.
Donderdag 1 mei 2008 (465 km)
We vonden gisterenavond een briefje onder de ruitenwisser met ons kenteken en de aankomsttijd. We zouden ons melden bij het kantoor. De kantoorbaas hadden we wel gevonden, maar we zouden morgenochtend terugkeren om te betalen voor de overnachting. Vanmorgen kunnen we niemand vinden en de deur van het kantoor is op slot. De slagboom van de achterliggende camping trouwens ook en we treffen een Engelsman aan die geen idee heeft hoe hij er nu uit moet. Er schijnt al eens iemand te zijn geweest die botweg de slagboom eruit heeft gereden. We doen een paar euro en het briefje in de brievenbus en vinden dat we zo genoeg ons best hebben gedaan.

De boot heeft anderhalf uur vertraging of zoiets. We staan dan wel op het haventerrein in keurige rijtjes, maar voor de rest is het wachten. We zetten koffie en smeren wat brood en we kijken hoe anderen wat rondhangen en het koud hebben. Het is geen leedvermaak, hoor, puur medelijden.
Vannacht heeft het nog aardig geregend en vanmorgen is het ook somber. Er trekken regelmatig aardige buien over. Maar als we op zee zijn breekt de zon door en in Engeland is het goeddeels droog, afgezien van een enkele korte maar heftige bui. Hoe verder we vorderen des te beter wordt het. ′s Avonds is het zelfs vrijwel wolkenloos. Maar voor die tijd hebben we nog een hele slag te gaan en we beginnen al met een uurtje of wat achterstand.
Hoe dichter we bij ons doel komen des te heftiger verschillen Truus en Joke van mening over de route en de nog benodigde tijd. Na een uitgebreid onderzoek op een vage parkeerplaats komen we tot de ontdekking dat de GPS-positie van de camping in werkelijkheid een kilometer of honderd afwijkt van wat we op het internet hadden gevonden. Je zal dat maar niet in de gaten hebben en domweg doorrijden en gaan zoeken op de Tomtom. Niets te vinden wat er maar enigszins op lijkt. We zijn uiteindelijk gered door het gezonde verstand en vooral ook de koppigheid van Joke. We arriveren op een bijzonder aardige camping. Of we hadden gereserveerd. Neu. Hoeveel nachten? Twee. Dat wordt moeilijk want morgen is de camping uitverkocht wegens Bankholiday. Maar we hebben verschrikkelijk geluk. We mogen twee nachten blijven. Da′s nie gek.
Vrijdag 2 mei 2008 (0 km)
Vandaag hebben we een rustdag. We gaan geen meter met de Bird rijden, enerzijds vanwege de rustdag, aan de andere kant omdat we het veroverde plekje onder geen beding prijsgeven. Daarbij komt dat we de fietsen hebben meegenomen en we toch nog boodschappen moeten doen.
De fietstocht leidt over smalle, stille landweggetjes. Het is wat heuvelachtig. Dat maakt de tocht wel zo bijzonder. We zien het landschap op een manier zoals we nog niet eerder hadden meegemaakt. Ik heb de aandrang om Joke steeds op het hart te drukken vooral links te blijven rijden. Toch komt ze bij de afslag op een vreemde manier tussen het tegemoetkomende verkeer terecht. Maar na enkele minuten hervat mijn hartslag het normale ritme.
We proberen de wat minder kleine weggetjes te mijden, maar we ontkomen er niet aan om zo nu en dan toch een stukje grotere weg te nemen. Ik had al speciaal een B-weg uitgekozen, maar dat blijkt evengoed een belangrijke verkeersader te zijn, kompleet met grote vrachtwagencombinaties. We ploeteren met een soort van doodsverachting door die verkeersstroom, om bij de eerste de beste afslag wat rustiger vaarwater op te zoeken.

Een van de weggetjes die mij wel aanstaat is een gestippelde weg. Om daar te komen trappen we langs een poort met hek die een vermoeden oproept van een boerenerf. Inderdaad loopt het fraaie pad dood bij een grote boerderij waar we worden verwelkomd door de plaatselijke waakhond. In een stal hoor ik een boerenstem en ik keer mijn stalen ros in die richting. Ik leg de agrariër uit wat wij bedoelen en van plan zijn. Hulpvaardig als hij is wijst hij ons een mogelijke oplossing. We fietsen door een modderpad. Bij de spoorlijn kunnen we oversteken door eerst een hek open te maken, dan de rails over te steken en verder door een ander hek. Wel de hekken weer dichtdoen! We ploeteren nog even verder over het karrespoor. Bij een bouwvallige schuur verdwijnt het pad het bos in. ″Verdwijnt″ moet je dan ook bijna letterlijk nemen. Het is dat ik hardnekkig volhoud en zonder veel aarzeling over boomstronken en andere hindernissen klauter, de fiets achter me aanslepend. Ook Joke weert zich dapper zonder veel tegenwerpingen. Na een tijdje ploeteren horen we auto′s rijden, waarschijnlijk over de weg die we een stukje willen nemen. Even later zien we ze ook in de verte heen en weer gaan. Als we het doel bereiken hoeven we alleen nog door een laatste hek. Jammer genoeg heeft iemand hier een slot aan gemaakt. En het ligt niet in de aard van onze familie om om te keren. Dat wordt dus er overheen klauteren, met fiets en al.
Na een tocht van in totaal drie uur keren we terug bij de Blue Bird. Het was een geslaagde tocht. Enige bijkomstigheid was dat we onderweg verder geen boodschappen hebben gedaan.
De rest van de dag luieren we wat in onze vouwstoeltjes en wandelen om de visvijver. Ik heb de korte broek aan. Joke heeft een gezonde kleur in haar gezicht. Ze gloeit helemaal. Misschien ik ook wel. Een gezond dagje.
Zaterdag 3 mei 2008 (208 km)
We breken rustig op en doen daarbij de noodzakelijke huishoudelijke dingen om de Bird gebruiksgereed te houden. We vertrekken rustigaan naar het noorden na onze gastheer en gastvrouw vriendelijk te hebben bedankt. Ze hebben de camping hooguit anderhalve maand in bezit en ze zijn nog zo enthousiast dat ze onze vriendelijkheid beslist verdienen.

Onze route gaat over binnenweggetjes en we doen het rustigaan. We genieten van het aangename weer. Joke ziet allerlei richtingborden met teksten als: Kom naar de boerderij. Ik heb even een gevoel dat doet denken aan Kenia: Come to my shop! Maar we zijn natuurlijk wel in het beschaafde en bescheiden Engeland. Het duurt een keer of vijf voordat onze nieuwsgierigheid is gewekt. Dan sla ik bij het eerstvolgende bordje af en slinger over een landweggetje een heuvel op. We bezoeken een boerderij, een historische boerderij die in bedrijf is. En dat is-tie. Inderdaad we zien iemand die uit ruwe boomstammen stoelpoten draait en een wielenmaker, maar ook enorme varkens, die tot hun enkels in de modder rondbanjeren, reusachtige paarden en allerlei ander gedierte, ganzen, schapen, koeien. Je kunt ook door de boerderij zelf rondklauteren en een kijkje nemen in alles wat je zoal in een boerderij vond. Toegegeven, het had een redelijk hoog kindergehalte, maar het was wel erg leuk, heerlijk ontspannen en prachtig weer.
Onze tocht leidt naar Runcorn, Cheshire. Dat ligt ongeveer in het niemandsland tussen Engeland en Wales, ter hoogte van Manchester. Het is Bankholiday en we mogen niet verwachten dat we zomaar een kampeerplekje kunnen vinden. Maar onze familie woont er. Als je niet een plaatsje kunt vinden kan je de bus beter in een woonwijk zetten dan op de een of ander parkeerplaats. In een woonwijk heeft men gauwer het idee dat je er alleen maar geparkeerd staat. Natuurlijk zijn wij te gast bij onze familie, en we dineren er, maar tegen bedtijd duiken we de Blue Bird in, die gewoon langs de straat staat.
Zondag 4 mei 2009 (206 km)
De volgende morgen mogen de kinderen hun ontbijt in de camper komen oppeuzelen. We krijgen toast met bonen en eieren, koffie, ja en de twee peuters, die over het bed klauteren en over de bank en op onze wc willen en hun handen afvegen aan het tafelkleed. Ze kwebbelen honderduit en zwaaien naar hun vader en moeder die achter het raam proberen iets van dit avontuur mee te krijgen. Tenslotte maken we een tochtje door de wijk, waarbij de kinders ons naar het zwembad sturen en de school en allerlei andere plaatsen waar je normaal niet met een camper zou komen. Als klap op de vuurpijl rijden we onder het viaduct door waar voor de kinderen het einde is van hun wijk en eigenlijk ook van de hele wereld.
Als we terugkeren doen we nog een extra bakje koffie en een extra controle of alles nog gebruiksgereed is in de camper. Dan vertrekken we zo langzaamaan naar Hull waar de ferry voor de terugtocht op ons wacht. Het begint te regenen. Er is een regenstrook die ons volgt van Runcorn tot vlak voor Hull, zo′n beetje ter hoogte van de Humberbridge. Later zie ik op de kaart dat een kilometer of tien voor ons en achter ons de begrenzing van de regenstrook ligt en dat die strook precies in ons tempo meeschuift naar het oosten. In elk geval zitten wij de hele dag in de regen en we doen niet veel meer dan wat lummelen en lezen. Dat laatste is niet echt een straf want we hebben allebei een hartstikke spannend boek.
Maandag 5 mei 2008 (57 km)
De boot is vertrouwd. We hebben deze tocht al vaker gedaan en ongetwijfeld ook met deze boot, de Pride of Rotterdam. We hebben hut 9138. Die blijkt precies te liggen op een buik van de resonantie van de scheepsmotoren. Ik schat hun toerental op driehonderd omwentelingen per minuut. Voor wie het niet begrijpt, we doen geen oog dicht, we liggen te dreunen in ons bed. Ik ga al eens andersom liggen, met mijn voeten op het hoofdeinde, maar dat help niet echt. We zijn bij aankomst behoorlijk opgebroken. De maandag gebruiken we voornamelijk om weer een beetje te revalideren. Maar verder was het een heerlijke tocht. Intussen proberen we te bedenken of het zinvol is om de volgende keer via Harwich over te steken. Je hebt dan niet de nachtboot, maar je steekt toch veel noordelijker over. Daar komen we vast nog op terug.
Ik ben nog niet zo erg onder de indruk van de fietsendrager. De beugel zit op de rechter achterdeur en de draagrails steken nogal ver uit naar links, waar toch evengoed een heel gewicht hangt. Het frame begin een beetje af te zakken en wat scheef te hangen. Daar moet een andere oplossing voor komen. Ook daar komen we vast nog op terug.
Statistieken
Duur: 6 dagen
Gereden: 1278 kilometer
Getankt: 117,17 liter diesel, 0,0 liter lpg
Locaties
30-04-2008: Calais FR, Digue Gaston Berthe, camperplaats 50.966418n, 1.843995e
1 en 2-05-2008: Hereford GB, The Millpond camping 52.066260n, 2.544920w
03-05-2008: Runcorn GB, Beechwood
04-05-2008: Ferry Hull GB – Europoort Rotterdam NL

dagen. We hadden de fietsen bij ons en een plan om een dag eens gewoon ergens te blijven. Dat is voor ons uitzonderlijk, zelfs op onze rustdagen rijden we nog een vrolijke toerrit van een paar honderd kilometer. Hoe het ons is vergaan leest u hier.
Woensdag 30 april 2008 (342km)
We vertrekken in de loop van de middag, zo tegen vier uur. We hadden vandaag eerst nog wat andere feestelijkheden te vervullen. Het doel van vandaag is Calais. Het maakt eigenlijk niet uit hoe laat we aankomen, als we morgenochtend maar op tijd bij de boot zijn. Het voordeel is dat we de camperplaats bij de haven in Calais al kennen. We hoeven ons niet druk te maken wat we er zullen aantreffen.
In Nederland is het vandaag een soort van nationale feestdag. De koningin gaat klootschieten in Franeker. In België is er minder te vieren en is iedereen maar gewoon aan het werk gegaan vandaag. We rijden tegen vier uur van huis weg. Een klein rekensommetje leert dat je dan precies in de avondspits bij Antwerpen bent. De ring staat vast van Antwerpen-noord tot de Kennedytunnel. We hadden ook langs de andere kant kunnen rijden door de Liefkenshoektunnel, maar daar betaal je tol en we blijven Hollanders. De vertraging beloopt ongeveer een half uur.

We kennen onze overnachtingsplek weliswaar, maar als we aankomen zijn alle plaatsen bezet. We rijden ons met drie campers klem en aangezien ik de laatste ben rijd ik met gezwinde spoed achteruit. Ik had bij de ingang nog een laatste plekje gezien en als er nog een plekje te vergeven is dan schrompelt mijn beleefdheid tot minimaal niveau. Sommige gasten zetten hun camper buiten op de gewone parkeerplaatsen, anderen vertrekken zonder een moment te aarzelen. Later ontdekken we dat de creatieve trekkers een plaatsje op het terrein van de ferryterminal hebben ingenomen. We brengen de avond door met een kleine strandwandeling en een bezoek aan de locale snackbar, waar we een specialité de la maison nemen, een stokbrood met ham, champignons, spek, sla, weet-ik-veel, saus naar keuze en daaroverheen een emmer patat. Verder bestuderen we de aankomst van verscheidene enthousiaste gasten die vol vertrouwen de standplaats oprijden en na een minuut of vier weer eruit rijden. We doen zelfs de gordijntjes niet dicht.
Donderdag 1 mei 2008 (465 km)
We vonden gisterenavond een briefje onder de ruitenwisser met ons kenteken en de aankomsttijd. We zouden ons melden bij het kantoor. De kantoorbaas hadden we wel gevonden, maar we zouden morgenochtend terugkeren om te betalen voor de overnachting. Vanmorgen kunnen we niemand vinden en de deur van het kantoor is op slot. De slagboom van de achterliggende camping trouwens ook en we treffen een Engelsman aan die geen idee heeft hoe hij er nu uit moet. Er schijnt al eens iemand te zijn geweest die botweg de slagboom eruit heeft gereden. We doen een paar euro en het briefje in de brievenbus en vinden dat we zo genoeg ons best hebben gedaan.

De boot heeft anderhalf uur vertraging of zoiets. We staan dan wel op het haventerrein in keurige rijtjes, maar voor de rest is het wachten. We zetten koffie en smeren wat brood en we kijken hoe anderen wat rondhangen en het koud hebben. Het is geen leedvermaak, hoor, puur medelijden.
Vannacht heeft het nog aardig geregend en vanmorgen is het ook somber. Er trekken regelmatig aardige buien over. Maar als we op zee zijn breekt de zon door en in Engeland is het goeddeels droog, afgezien van een enkele korte maar heftige bui. Hoe verder we vorderen des te beter wordt het. ′s Avonds is het zelfs vrijwel wolkenloos. Maar voor die tijd hebben we nog een hele slag te gaan en we beginnen al met een uurtje of wat achterstand.
Hoe dichter we bij ons doel komen des te heftiger verschillen Truus en Joke van mening over de route en de nog benodigde tijd. Na een uitgebreid onderzoek op een vage parkeerplaats komen we tot de ontdekking dat de GPS-positie van de camping in werkelijkheid een kilometer of honderd afwijkt van wat we op het internet hadden gevonden. Je zal dat maar niet in de gaten hebben en domweg doorrijden en gaan zoeken op de Tomtom. Niets te vinden wat er maar enigszins op lijkt. We zijn uiteindelijk gered door het gezonde verstand en vooral ook de koppigheid van Joke. We arriveren op een bijzonder aardige camping. Of we hadden gereserveerd. Neu. Hoeveel nachten? Twee. Dat wordt moeilijk want morgen is de camping uitverkocht wegens Bankholiday. Maar we hebben verschrikkelijk geluk. We mogen twee nachten blijven. Da′s nie gek.
Vrijdag 2 mei 2008 (0 km)
Vandaag hebben we een rustdag. We gaan geen meter met de Bird rijden, enerzijds vanwege de rustdag, aan de andere kant omdat we het veroverde plekje onder geen beding prijsgeven. Daarbij komt dat we de fietsen hebben meegenomen en we toch nog boodschappen moeten doen.
De fietstocht leidt over smalle, stille landweggetjes. Het is wat heuvelachtig. Dat maakt de tocht wel zo bijzonder. We zien het landschap op een manier zoals we nog niet eerder hadden meegemaakt. Ik heb de aandrang om Joke steeds op het hart te drukken vooral links te blijven rijden. Toch komt ze bij de afslag op een vreemde manier tussen het tegemoetkomende verkeer terecht. Maar na enkele minuten hervat mijn hartslag het normale ritme.
We proberen de wat minder kleine weggetjes te mijden, maar we ontkomen er niet aan om zo nu en dan toch een stukje grotere weg te nemen. Ik had al speciaal een B-weg uitgekozen, maar dat blijkt evengoed een belangrijke verkeersader te zijn, kompleet met grote vrachtwagencombinaties. We ploeteren met een soort van doodsverachting door die verkeersstroom, om bij de eerste de beste afslag wat rustiger vaarwater op te zoeken.

Een van de weggetjes die mij wel aanstaat is een gestippelde weg. Om daar te komen trappen we langs een poort met hek die een vermoeden oproept van een boerenerf. Inderdaad loopt het fraaie pad dood bij een grote boerderij waar we worden verwelkomd door de plaatselijke waakhond. In een stal hoor ik een boerenstem en ik keer mijn stalen ros in die richting. Ik leg de agrariër uit wat wij bedoelen en van plan zijn. Hulpvaardig als hij is wijst hij ons een mogelijke oplossing. We fietsen door een modderpad. Bij de spoorlijn kunnen we oversteken door eerst een hek open te maken, dan de rails over te steken en verder door een ander hek. Wel de hekken weer dichtdoen! We ploeteren nog even verder over het karrespoor. Bij een bouwvallige schuur verdwijnt het pad het bos in. ″Verdwijnt″ moet je dan ook bijna letterlijk nemen. Het is dat ik hardnekkig volhoud en zonder veel aarzeling over boomstronken en andere hindernissen klauter, de fiets achter me aanslepend. Ook Joke weert zich dapper zonder veel tegenwerpingen. Na een tijdje ploeteren horen we auto′s rijden, waarschijnlijk over de weg die we een stukje willen nemen. Even later zien we ze ook in de verte heen en weer gaan. Als we het doel bereiken hoeven we alleen nog door een laatste hek. Jammer genoeg heeft iemand hier een slot aan gemaakt. En het ligt niet in de aard van onze familie om om te keren. Dat wordt dus er overheen klauteren, met fiets en al.
Na een tocht van in totaal drie uur keren we terug bij de Blue Bird. Het was een geslaagde tocht. Enige bijkomstigheid was dat we onderweg verder geen boodschappen hebben gedaan.
De rest van de dag luieren we wat in onze vouwstoeltjes en wandelen om de visvijver. Ik heb de korte broek aan. Joke heeft een gezonde kleur in haar gezicht. Ze gloeit helemaal. Misschien ik ook wel. Een gezond dagje.
Zaterdag 3 mei 2008 (208 km)
We breken rustig op en doen daarbij de noodzakelijke huishoudelijke dingen om de Bird gebruiksgereed te houden. We vertrekken rustigaan naar het noorden na onze gastheer en gastvrouw vriendelijk te hebben bedankt. Ze hebben de camping hooguit anderhalve maand in bezit en ze zijn nog zo enthousiast dat ze onze vriendelijkheid beslist verdienen.

Onze route gaat over binnenweggetjes en we doen het rustigaan. We genieten van het aangename weer. Joke ziet allerlei richtingborden met teksten als: Kom naar de boerderij. Ik heb even een gevoel dat doet denken aan Kenia: Come to my shop! Maar we zijn natuurlijk wel in het beschaafde en bescheiden Engeland. Het duurt een keer of vijf voordat onze nieuwsgierigheid is gewekt. Dan sla ik bij het eerstvolgende bordje af en slinger over een landweggetje een heuvel op. We bezoeken een boerderij, een historische boerderij die in bedrijf is. En dat is-tie. Inderdaad we zien iemand die uit ruwe boomstammen stoelpoten draait en een wielenmaker, maar ook enorme varkens, die tot hun enkels in de modder rondbanjeren, reusachtige paarden en allerlei ander gedierte, ganzen, schapen, koeien. Je kunt ook door de boerderij zelf rondklauteren en een kijkje nemen in alles wat je zoal in een boerderij vond. Toegegeven, het had een redelijk hoog kindergehalte, maar het was wel erg leuk, heerlijk ontspannen en prachtig weer.
Onze tocht leidt naar Runcorn, Cheshire. Dat ligt ongeveer in het niemandsland tussen Engeland en Wales, ter hoogte van Manchester. Het is Bankholiday en we mogen niet verwachten dat we zomaar een kampeerplekje kunnen vinden. Maar onze familie woont er. Als je niet een plaatsje kunt vinden kan je de bus beter in een woonwijk zetten dan op de een of ander parkeerplaats. In een woonwijk heeft men gauwer het idee dat je er alleen maar geparkeerd staat. Natuurlijk zijn wij te gast bij onze familie, en we dineren er, maar tegen bedtijd duiken we de Blue Bird in, die gewoon langs de straat staat.
Zondag 4 mei 2009 (206 km)
De volgende morgen mogen de kinderen hun ontbijt in de camper komen oppeuzelen. We krijgen toast met bonen en eieren, koffie, ja en de twee peuters, die over het bed klauteren en over de bank en op onze wc willen en hun handen afvegen aan het tafelkleed. Ze kwebbelen honderduit en zwaaien naar hun vader en moeder die achter het raam proberen iets van dit avontuur mee te krijgen. Tenslotte maken we een tochtje door de wijk, waarbij de kinders ons naar het zwembad sturen en de school en allerlei andere plaatsen waar je normaal niet met een camper zou komen. Als klap op de vuurpijl rijden we onder het viaduct door waar voor de kinderen het einde is van hun wijk en eigenlijk ook van de hele wereld.
Als we terugkeren doen we nog een extra bakje koffie en een extra controle of alles nog gebruiksgereed is in de camper. Dan vertrekken we zo langzaamaan naar Hull waar de ferry voor de terugtocht op ons wacht. Het begint te regenen. Er is een regenstrook die ons volgt van Runcorn tot vlak voor Hull, zo′n beetje ter hoogte van de Humberbridge. Later zie ik op de kaart dat een kilometer of tien voor ons en achter ons de begrenzing van de regenstrook ligt en dat die strook precies in ons tempo meeschuift naar het oosten. In elk geval zitten wij de hele dag in de regen en we doen niet veel meer dan wat lummelen en lezen. Dat laatste is niet echt een straf want we hebben allebei een hartstikke spannend boek.
Maandag 5 mei 2008 (57 km)
De boot is vertrouwd. We hebben deze tocht al vaker gedaan en ongetwijfeld ook met deze boot, de Pride of Rotterdam. We hebben hut 9138. Die blijkt precies te liggen op een buik van de resonantie van de scheepsmotoren. Ik schat hun toerental op driehonderd omwentelingen per minuut. Voor wie het niet begrijpt, we doen geen oog dicht, we liggen te dreunen in ons bed. Ik ga al eens andersom liggen, met mijn voeten op het hoofdeinde, maar dat help niet echt. We zijn bij aankomst behoorlijk opgebroken. De maandag gebruiken we voornamelijk om weer een beetje te revalideren. Maar verder was het een heerlijke tocht. Intussen proberen we te bedenken of het zinvol is om de volgende keer via Harwich over te steken. Je hebt dan niet de nachtboot, maar je steekt toch veel noordelijker over. Daar komen we vast nog op terug.
Ik ben nog niet zo erg onder de indruk van de fietsendrager. De beugel zit op de rechter achterdeur en de draagrails steken nogal ver uit naar links, waar toch evengoed een heel gewicht hangt. Het frame begin een beetje af te zakken en wat scheef te hangen. Daar moet een andere oplossing voor komen. Ook daar komen we vast nog op terug.
Statistieken
Duur: 6 dagen
Gereden: 1278 kilometer
Getankt: 117,17 liter diesel, 0,0 liter lpg
Locaties
30-04-2008: Calais FR, Digue Gaston Berthe, camperplaats 50.966418n, 1.843995e
1 en 2-05-2008: Hereford GB, The Millpond camping 52.066260n, 2.544920w
03-05-2008: Runcorn GB, Beechwood
04-05-2008: Ferry Hull GB – Europoort Rotterdam NL
13-04-2008: Oostvaardersplassen
Dit weekeinde waren we bij de Oostvaardersplassen even boven Almere. Het werd wel weer eens tijd, we hadden te lang thuis achter de geraniums gezeten. Of we hadden andere dingen te doen. Maar nu kwam het er dan toch weer van.

We waren er maar eventjes en hadden bovendien nog wat andere dingen te doen, dus het is een bescheiden verslag. U vindt het hier. Niet zo heel veel plaatjes ook. De plaatjes die ik heb geschoten hadden een ander onderwerp.
Maar u bent toch weer op de hoogte.

We waren er maar eventjes en hadden bovendien nog wat andere dingen te doen, dus het is een bescheiden verslag. U vindt het hier. Niet zo heel veel plaatjes ook. De plaatjes die ik heb geschoten hadden een ander onderwerp.
Maar u bent toch weer op de hoogte.
15-03-2008: Sint Petersburg (7)
Niets veranderlijker dan de mens. De plannen om via Lapland (zo'n beetje dan) te reizen zijn weer van tafel. Het is natuurlijk een aardig uitstapje, maar ingegeven door de noodzaak omdat we geen overtocht hadden. Maar Joke heeft nog eens een tijdje zitten zoeken. Er blijkt ook nog een boot over te steken van Naantali naar Kapellskär.
We hebben de nachtboot gekozen, hoewel het toch ook een hele mooie tocht voor overdag zou zijn. Maar ja, je moet iets beslissen.

De boten tussen Finland en de rest van de wereld zijn vooral gericht op het vrachtvervoer. Ik heb een appetijtelijk plaatje uitgezocht, maar op andere plaatsjes zie je vooral veel vrachtwagens. Ik heb die Finse wagens trouwens zelf al wel eens opgehaald in Lübeck. Maar het gaat er natuurlijk in de eerste plaats om dat je aan de overkant komt. We ontdekken het wel.
En als we toch nog iets van de omgeving willen zien, het is daar heel erg lang licht, dus we blijven zo lang mogelijk op ...
We hebben de nachtboot gekozen, hoewel het toch ook een hele mooie tocht voor overdag zou zijn. Maar ja, je moet iets beslissen.

De boten tussen Finland en de rest van de wereld zijn vooral gericht op het vrachtvervoer. Ik heb een appetijtelijk plaatje uitgezocht, maar op andere plaatsjes zie je vooral veel vrachtwagens. Ik heb die Finse wagens trouwens zelf al wel eens opgehaald in Lübeck. Maar het gaat er natuurlijk in de eerste plaats om dat je aan de overkant komt. We ontdekken het wel.
En als we toch nog iets van de omgeving willen zien, het is daar heel erg lang licht, dus we blijven zo lang mogelijk op ...
10-03-2008: Camera
Al zolang wij de Blue Bird hebben twijfelen we over een achteruitrij camera. De aanschaf was vrij prijzig. Niet dat het apparaat zo duur was, maar ze hadden er met twee man wel een dag voor nodig. Dat maakte het zo duur.
Deze week had de Gamma een camera in de aanbieding die ons wel aanstond. Op het internet hebben we opgezocht hoe dat model bevalt. Door de bank genomen wel goed, alleen bij stevige zonneschijn wordt het wel erg moeilijk om op het scherm te kijken. Maar dat is natuurlijk altijd het geval. Of je het nou hebt over je navigator, je telefoon of je televisie, in de zon zie je weinig.
Het was een draadloos systeem. Dat is mooi, want dat scheelt een hoop gepruts. In werkelijkheid is de verbinding dan wel draadloos, maar ergens moet de elektriciteit vandaan komen. De handleiding suggereert dat je hem aansluit op de achteruitrij verlichting. Maar dat wil ik dan weer niet. Als het contact aanstaat, dan wil ik ook kunnen kijken. Logisch lijkt het om de stroom van de sigarettenaansteker te pakken, want die doet het op het moment dat ik de camera ook aan wil hebben. Het probleem is dat de sigarettenaansteker voorin zit en de camera achterop komt. Dat wordt toch nog een lange draad.
Om het verhaal maar meteen uit de doeken te doen, ik heb het een en ander moeten slopen in de bus. De bovenkastjes boven het bed, de bovenkastjes in de douche, de bovenkastjes boven de eettafel. Om de kastjes in de douche weg te halen moet de rails van de deur worden gesloopt, dus ook de hele deur eruit. De bovenbekleding van de cabine, de bekleding van de deurstijl, waarvoor meteen de blindering moest worden losgemaakt. Voorts de bekleding van het dashboard onder het stuur en de middenconsole. En naderhand moest alles weer worden teruggeplaatst. Dat is wonderwel goed gelukt. Maar zoals dat altijd pleegt te gaan, er zijn twee schroefjes overgebleven uit de douche. Maar waarvoor?
Het beeldscherm is een soort kleine televisie van bijna een kilo. Die moet op zo'n zwanehals, maar ik had al gemerkt dat dat nogal schokt. Dat kan beter. Ik heb een paar simpele beugeltjes gemaakt om het trillen tegen te gaan en dat heeft wonderwel geholpen.
Voor het plaatsen van de camera achterop moesten natuurlijk een paar gaten in het dak komen. Nou word ik daar niet zo zenuwachtig van, maar voor een doorvoer had ik toch een speciaal gereedschapje nodig, een zogenoemde antennefrees. Die moest even uit een andere vestiging komen, dus dat werd een klusje voor na het weekeinde.
En of de duivel ermee speelt, precies als ik met het freesje thuiskom is het heftig aan het regenen. Om een uur of drie houdt het weer op en op de weerkaart zie ik dat het wel een paar uurtjes droog blijft. De camera zit er nu dus ook op.
De eerste indruk van het geheel tijdens de proefrit is niet verkeerd. Ik moet nog even kijken naar de plaatsing van de antennes misschien moet hij niet verticaal maar horizontaal of zo. Hij pikt nu nog wat veel storing op, bijvoorbeeld als de tram langsrijdt. Maar het werkt in elk geval al maar vast.
Deze week had de Gamma een camera in de aanbieding die ons wel aanstond. Op het internet hebben we opgezocht hoe dat model bevalt. Door de bank genomen wel goed, alleen bij stevige zonneschijn wordt het wel erg moeilijk om op het scherm te kijken. Maar dat is natuurlijk altijd het geval. Of je het nou hebt over je navigator, je telefoon of je televisie, in de zon zie je weinig.
Het was een draadloos systeem. Dat is mooi, want dat scheelt een hoop gepruts. In werkelijkheid is de verbinding dan wel draadloos, maar ergens moet de elektriciteit vandaan komen. De handleiding suggereert dat je hem aansluit op de achteruitrij verlichting. Maar dat wil ik dan weer niet. Als het contact aanstaat, dan wil ik ook kunnen kijken. Logisch lijkt het om de stroom van de sigarettenaansteker te pakken, want die doet het op het moment dat ik de camera ook aan wil hebben. Het probleem is dat de sigarettenaansteker voorin zit en de camera achterop komt. Dat wordt toch nog een lange draad.
Om het verhaal maar meteen uit de doeken te doen, ik heb het een en ander moeten slopen in de bus. De bovenkastjes boven het bed, de bovenkastjes in de douche, de bovenkastjes boven de eettafel. Om de kastjes in de douche weg te halen moet de rails van de deur worden gesloopt, dus ook de hele deur eruit. De bovenbekleding van de cabine, de bekleding van de deurstijl, waarvoor meteen de blindering moest worden losgemaakt. Voorts de bekleding van het dashboard onder het stuur en de middenconsole. En naderhand moest alles weer worden teruggeplaatst. Dat is wonderwel goed gelukt. Maar zoals dat altijd pleegt te gaan, er zijn twee schroefjes overgebleven uit de douche. Maar waarvoor?
Het beeldscherm is een soort kleine televisie van bijna een kilo. Die moet op zo'n zwanehals, maar ik had al gemerkt dat dat nogal schokt. Dat kan beter. Ik heb een paar simpele beugeltjes gemaakt om het trillen tegen te gaan en dat heeft wonderwel geholpen.
Voor het plaatsen van de camera achterop moesten natuurlijk een paar gaten in het dak komen. Nou word ik daar niet zo zenuwachtig van, maar voor een doorvoer had ik toch een speciaal gereedschapje nodig, een zogenoemde antennefrees. Die moest even uit een andere vestiging komen, dus dat werd een klusje voor na het weekeinde.
En of de duivel ermee speelt, precies als ik met het freesje thuiskom is het heftig aan het regenen. Om een uur of drie houdt het weer op en op de weerkaart zie ik dat het wel een paar uurtjes droog blijft. De camera zit er nu dus ook op.
De eerste indruk van het geheel tijdens de proefrit is niet verkeerd. Ik moet nog even kijken naar de plaatsing van de antennes misschien moet hij niet verticaal maar horizontaal of zo. Hij pikt nu nog wat veel storing op, bijvoorbeeld als de tram langsrijdt. Maar het werkt in elk geval al maar vast.
05-03-2008: Sint Petersburg (6)
De plannen zijn iets bijgesteld. De boeking met het hotel is nu zo ongeveer rond en we hebben de documenten om de visa aan te vragen.
Volgens de verzekering van de auto zijn wij ook verzekerd in Rusland, maar dat staat niet op de groene kaart en bovendien accepteert Rusland geen groene kaart, maar een blauwe kaart als ik het goed heb. Ik heb een offerte liggen voor een aanvullende verzekering die wel voldoet. Dat komt dus ook wel rond.
Minder hadden we gerekend op het probleem met de veerboot. De gedachte was dat we zouden oversteken van Turku in Finland naar Stockholm. Wij gaven de voorkeur aan de nachtboot, want dan heb je de dag voor de overtocht als gewone dag beschikbaar. En de dag erna ook. Als je met de dagboot gaat moet je de dag ervoor toch al bijna in de haven zijn en 's-avonds kom je aan midden in Stockholm. Dan moet je dus op je gemak een camperplekje gaan zoeken. Dat lijkt ons niks. De nachtboot dus. Een rekensommetje vanaf de vertrekdatum uit Petersburg kwam uit op de boot van zondagnacht. Maar die neemt onze camper dus niet mee. We denken dat de grote transportbedrijven het ruim voor de grotere wagens botweg helemaal reserveert. Zaterdagnacht kon wel of zondag overdag. Maar dan moeten we ons bijna gaan haasten om op tijd bij de boot te zijn. Dat doen we dus niet. Misschien maandagnacht ? Ook niet mogelijk.
We hebben besloten om dus maar helemaal om te rijden en de boot te laten voor wat het is. Voordeel is dat we het op eigen tempo kunnen doen en dat we waarschijnlijk nog wat van Lapland meekrijgen. Voor de kosten hoef je het niet te laten, want de boot was ook stevig aan de prijs, met tweepersoons hut, diner en ontbijt. Voor dat geld kunnen we ook omrijden ...
Volgens de verzekering van de auto zijn wij ook verzekerd in Rusland, maar dat staat niet op de groene kaart en bovendien accepteert Rusland geen groene kaart, maar een blauwe kaart als ik het goed heb. Ik heb een offerte liggen voor een aanvullende verzekering die wel voldoet. Dat komt dus ook wel rond.
Minder hadden we gerekend op het probleem met de veerboot. De gedachte was dat we zouden oversteken van Turku in Finland naar Stockholm. Wij gaven de voorkeur aan de nachtboot, want dan heb je de dag voor de overtocht als gewone dag beschikbaar. En de dag erna ook. Als je met de dagboot gaat moet je de dag ervoor toch al bijna in de haven zijn en 's-avonds kom je aan midden in Stockholm. Dan moet je dus op je gemak een camperplekje gaan zoeken. Dat lijkt ons niks. De nachtboot dus. Een rekensommetje vanaf de vertrekdatum uit Petersburg kwam uit op de boot van zondagnacht. Maar die neemt onze camper dus niet mee. We denken dat de grote transportbedrijven het ruim voor de grotere wagens botweg helemaal reserveert. Zaterdagnacht kon wel of zondag overdag. Maar dan moeten we ons bijna gaan haasten om op tijd bij de boot te zijn. Dat doen we dus niet. Misschien maandagnacht ? Ook niet mogelijk.
We hebben besloten om dus maar helemaal om te rijden en de boot te laten voor wat het is. Voordeel is dat we het op eigen tempo kunnen doen en dat we waarschijnlijk nog wat van Lapland meekrijgen. Voor de kosten hoef je het niet te laten, want de boot was ook stevig aan de prijs, met tweepersoons hut, diner en ontbijt. Voor dat geld kunnen we ook omrijden ...
23-02-2008: Sint Petersburg (5)
De bevestiging van het hotel is eindelijk binnen. We hebben nu voor allebei een Visa Support Letter en een Voucher. De bevestiging voor het visum is alleen in het Russisch en ik moet erg mijn best doen om er iets van te begrijpen. Maar alles gaat me niet lukken. De voucher is tweetalig en zo ontdek ik dat mijn naam is:

Met de visumbrief moeten we een paar weekjes van tevoren naar de ambassade. De voucher zal wel nodig zijn bij het inchecken.
Ineens wordt het allemaal toch wel heel erg echt. Joke wordt er een beetje nerveus van. Gisterenavond moest ik ineens nog eens uitleggen hoe we nou precies willen rijden, waar we overnachten en hoe het in Sint Petersburg moet gaan. Het hotel ligt wel redelijk gunstig geloof ik, maar om er te komen moeten we dwars door de stad. We moeten op zoek naar een gedetailleerde plattegrond, want de straatnamen zijn ongetwijfeld net zo onleesbaar als onze eigen namen.
Toevallig kwam ik nog een kaartje tegen van de noordkust van Estland met een stuk of twintig locaties met watervallen. Ik heb het even opgeslagen. Eens kijken wat dat voor interessants te bieden heeft. De kust zal wel niet bestaan uit duinen en strand ...

Met de visumbrief moeten we een paar weekjes van tevoren naar de ambassade. De voucher zal wel nodig zijn bij het inchecken.
Ineens wordt het allemaal toch wel heel erg echt. Joke wordt er een beetje nerveus van. Gisterenavond moest ik ineens nog eens uitleggen hoe we nou precies willen rijden, waar we overnachten en hoe het in Sint Petersburg moet gaan. Het hotel ligt wel redelijk gunstig geloof ik, maar om er te komen moeten we dwars door de stad. We moeten op zoek naar een gedetailleerde plattegrond, want de straatnamen zijn ongetwijfeld net zo onleesbaar als onze eigen namen.
Toevallig kwam ik nog een kaartje tegen van de noordkust van Estland met een stuk of twintig locaties met watervallen. Ik heb het even opgeslagen. Eens kijken wat dat voor interessants te bieden heeft. De kust zal wel niet bestaan uit duinen en strand ...
10-02-2008: Erpion (Ardennen)
--> Alle foto's
Zaterdag 9 febuari 2008
We hebben hele drukke weken achter de rug. We hebben weinig tijd gehad om ons met de Blue Bird bezig te houden.
Een paar kleine probleempjes deden zich intussen nog wel voor. Ik heb een paar klemmen in de garage gemaakt waarin de zwengel van het zonnescherm zit gestoken. In een rommelige situatie liep ik er tegenaan. De klemmetjes braken af. Ik heb een paar pijpenklemmetjes ervoor in de plaats gemonteerd en dat werkt ook.
Vorige week brak er een hoekje uit het raam dat op de schuifdeur zit. De schuifdeur moet met een stevig gangetje dichtgeklapt worden. De constructie van het raam kan dat misschien niet zo goed hebben. Ik heb intussen de dealer gebeld, maar die wil het eerst zien. Dat is te begrijpen, maar er is nog niet van gekomen.
Gisteren kreeg ik een steentje op de voorruit. Zo te horen was het een meteoor want het klapte er stevig tegenaan. Resultaat: een sterretje. Ik zou niet weten of je zo′n ster wel kunt repareren, maar ik zal gauw eens langs de ruitenboer rijden.
Maar vandaag hebben we het boeltje weer bij elkaar gezocht. We willen weer eens gewoon lekker met z′n tweeën zijn. Eigenlijk maakt het niet eens uit hoe en waar. We hebben verzonnen om naar de Ardennen te gaan. Het was bijna volstrekt willekeurig, tenminste als je even vergeet dat we met de kerst die kant op zouden trekken. Toen is het uiteindelijk Spanje geworden. De Ardennen hadden we dus nog tegoed. En in twee daagjes moet dat toch kunnen. Het is iets van drie uurtjes rijden.
Vanmorgen hebben we de Bird dus ingepakt. Dat wil zeggen we hebben wat wild in de rondte gegrepen en gepakt wat ons in handen kwam. We zijn nog een keer terug gegaan om nog een brood mee te nemen of de jerrycan met drinkwater. We hebben zelfs de fietsen bij ons, maar later op de dag zullen we nog ontdekken dat we niet de juiste fietssleutels bij ons hebben.
Zaterdag 9 febuari 2008
We hebben hele drukke weken achter de rug. We hebben weinig tijd gehad om ons met de Blue Bird bezig te houden.
Een paar kleine probleempjes deden zich intussen nog wel voor. Ik heb een paar klemmen in de garage gemaakt waarin de zwengel van het zonnescherm zit gestoken. In een rommelige situatie liep ik er tegenaan. De klemmetjes braken af. Ik heb een paar pijpenklemmetjes ervoor in de plaats gemonteerd en dat werkt ook.
Vorige week brak er een hoekje uit het raam dat op de schuifdeur zit. De schuifdeur moet met een stevig gangetje dichtgeklapt worden. De constructie van het raam kan dat misschien niet zo goed hebben. Ik heb intussen de dealer gebeld, maar die wil het eerst zien. Dat is te begrijpen, maar er is nog niet van gekomen.
Gisteren kreeg ik een steentje op de voorruit. Zo te horen was het een meteoor want het klapte er stevig tegenaan. Resultaat: een sterretje. Ik zou niet weten of je zo′n ster wel kunt repareren, maar ik zal gauw eens langs de ruitenboer rijden.
Maar vandaag hebben we het boeltje weer bij elkaar gezocht. We willen weer eens gewoon lekker met z′n tweeën zijn. Eigenlijk maakt het niet eens uit hoe en waar. We hebben verzonnen om naar de Ardennen te gaan. Het was bijna volstrekt willekeurig, tenminste als je even vergeet dat we met de kerst die kant op zouden trekken. Toen is het uiteindelijk Spanje geworden. De Ardennen hadden we dus nog tegoed. En in twee daagjes moet dat toch kunnen. Het is iets van drie uurtjes rijden.
Vanmorgen hebben we de Bird dus ingepakt. Dat wil zeggen we hebben wat wild in de rondte gegrepen en gepakt wat ons in handen kwam. We zijn nog een keer terug gegaan om nog een brood mee te nemen of de jerrycan met drinkwater. We hebben zelfs de fietsen bij ons, maar later op de dag zullen we nog ontdekken dat we niet de juiste fietssleutels bij ons hebben.
23-01-2008: Sint Petersburg (4)
We hebben het Pribaltiyskaya Hotel geboekt dat we op het oog hadden in Sint Petersburg. De eerste poging voor datzelfde hotel is uiteindelijk mislukt. Op de een of andere manier kon ik niet rechtstreeks bij het gewenste hotel komen, maar kwam ik terecht bij een boekingskantoor.
Op mijn eerste aanvraag, via een internet-formulier, kreeg ik geen reactie. Vorige week heb ik rechtstreeks met het gevonden telefoonnummer gebeld en kreeg meneer Michael Kozlov. Daarna hoorde ik niets meer. En ik heb hem gisteren weer gebeld. Hij zei dat hij een email had gestuurd. Hij heeft mij alsnog een copie ervan opgestuurd. Ik wist dat die copie zou komen en ik kon die inderdaad onderscheppen. Hij bleek een offerte te hebben gemaakt voor een stevige prijs. En gebaseerd op een onjuist aantal overnachtigen trouwens.
Het meest verontrustend was dat de afzender door allerlei internet-filters als een van de meest dubieuze vervuilers werd aangeduid. Als ik akkoord zou gaan met zijn aanbieding moest ik het maar zeggen, dan zou ik de creditcard gegevens door moeten geven enzovoorts. Dat was toch een stap te ver. Oftewel, zoals Joke altijd zegt, het moet goed voelen. En dat deed het helemaal niet.
We hebben nu een ander kanaal gebruikt. Dat scheelt in de prijs toch ongeveer honderd euries en we hebben bericht dat het hotel de reservering heeft bevestigd. We wachten even een paar dagen af wat er verder gebeurt. Anders zal ik volgende week het hotel zelf nog even bellen. Ik heb inmiddels de 'echte' telefoonnummers.
Het blijft evengoed nog een stevige prijs. We hadden even discussie of we het verblijf in Sint Petersburg met een dag zouden bekorten. Maar dat lijkt me zonde. Als we er nou toch zijn, moet je er redelijkerwijs uithalen wat erin zit, want er komt mogelijk geen tweede gelegenheid. Je gaat naar mijn idee niet nog een keertje erheen om de extra dag nog in te halen. We hebben nu dus vier overnachtingen en drie dagen te besteden. Het begint tijd te worden om die dagen eens in te vullen !
Op mijn eerste aanvraag, via een internet-formulier, kreeg ik geen reactie. Vorige week heb ik rechtstreeks met het gevonden telefoonnummer gebeld en kreeg meneer Michael Kozlov. Daarna hoorde ik niets meer. En ik heb hem gisteren weer gebeld. Hij zei dat hij een email had gestuurd. Hij heeft mij alsnog een copie ervan opgestuurd. Ik wist dat die copie zou komen en ik kon die inderdaad onderscheppen. Hij bleek een offerte te hebben gemaakt voor een stevige prijs. En gebaseerd op een onjuist aantal overnachtigen trouwens.
Het meest verontrustend was dat de afzender door allerlei internet-filters als een van de meest dubieuze vervuilers werd aangeduid. Als ik akkoord zou gaan met zijn aanbieding moest ik het maar zeggen, dan zou ik de creditcard gegevens door moeten geven enzovoorts. Dat was toch een stap te ver. Oftewel, zoals Joke altijd zegt, het moet goed voelen. En dat deed het helemaal niet.
We hebben nu een ander kanaal gebruikt. Dat scheelt in de prijs toch ongeveer honderd euries en we hebben bericht dat het hotel de reservering heeft bevestigd. We wachten even een paar dagen af wat er verder gebeurt. Anders zal ik volgende week het hotel zelf nog even bellen. Ik heb inmiddels de 'echte' telefoonnummers.
Het blijft evengoed nog een stevige prijs. We hadden even discussie of we het verblijf in Sint Petersburg met een dag zouden bekorten. Maar dat lijkt me zonde. Als we er nou toch zijn, moet je er redelijkerwijs uithalen wat erin zit, want er komt mogelijk geen tweede gelegenheid. Je gaat naar mijn idee niet nog een keertje erheen om de extra dag nog in te halen. We hebben nu dus vier overnachtingen en drie dagen te besteden. Het begint tijd te worden om die dagen eens in te vullen !
18-01-2008: Sint Petersburg (3)
De voorbereidingen gaan verder. Ik heb intussen de ACSi-inspecteur aan de telefoon gehad. Zijn vrouw en hijzelf vertelden mij dat het onwaarschijnlijk is dat je geen overnachtingsplaats zult vinden. Campings zijn niet zomaar vol. Je kunt vaak eenvoudig openbare camperplekken vinden. En desnoods vraag je aan de eerste de beste agrarier of je bij hem mag overnachten. Ze ontvangen je waarschijnlijk met open armen.
Hij gaf mij ook een paar adressen op die hij bijzonder aanbeveelde in Litouwen en een plaatsnaam in Polen. Ik kreeg ook de waarschuwing mee dat bij een aantal campings een opmerking stond als "6 kilometer grindweg". Hij drukte me op het hart om dat erg serieus te nemen. Blijkbaar had hij zo het een en ander stuk gereden aan zijn auto en hij wilde ons dat besparen.
Hij raadde ons ook aan om een klamboe mee te nemen en heel erg goed insectenspul iets als Dẻt, maar ik kan het niet vinden. Ik verheug me er nu al op. Ik ga nadenken over een gedragscode: hoe vliegen te verjagen. Als we de methode Joke gebruiken, kan de Blue Bird over een half jaar naar de sloop. Inruilen is dan geen optie meer met een eindeloze reeks platgedrukte vliegenlijkjes en bloedspatten.
Misschien is het aardig om in dit verband te citeren uit ons verslag van de Pyreneeën:
Er zijn zodoende toch dingen waarover ik mij al zorgen begin te maken.
Intussen ben ik ook op zoek naar dingen na St.P. Helsinki doet mij het licht nog niet branden. Stockholm lijkt toch een alleraardigste plaats met een hoop leuke dingen. Voorlopig is mijn favoriet een bezoek aan het Wasa-museum.
Hij gaf mij ook een paar adressen op die hij bijzonder aanbeveelde in Litouwen en een plaatsnaam in Polen. Ik kreeg ook de waarschuwing mee dat bij een aantal campings een opmerking stond als "6 kilometer grindweg". Hij drukte me op het hart om dat erg serieus te nemen. Blijkbaar had hij zo het een en ander stuk gereden aan zijn auto en hij wilde ons dat besparen.
Hij raadde ons ook aan om een klamboe mee te nemen en heel erg goed insectenspul iets als Dẻt, maar ik kan het niet vinden. Ik verheug me er nu al op. Ik ga nadenken over een gedragscode: hoe vliegen te verjagen. Als we de methode Joke gebruiken, kan de Blue Bird over een half jaar naar de sloop. Inruilen is dan geen optie meer met een eindeloze reeks platgedrukte vliegenlijkjes en bloedspatten.
Misschien is het aardig om in dit verband te citeren uit ons verslag van de Pyreneeën:
Voordat we gaan slapen doet Joke zoals elke avond de Rituele Vliegendans. Deze is vermoedelijk afkomstig uit Afrika of het Verre Oosten. Ik vermoed uit Afrika, gezien de oervorm en het ontbreken van enige elegantie. De Vliegendans bestaat uit een wild in de rondte springen door de camper, waarbij je in trance raakt en jezelf niet meer bewust bent van de omgeving of de inventaris. Je tooit jezelf in onzichtbare oorlogskleuren door je eerst van top tot teen in te smeren met een geheimzinnig goedje uit een blauw plastic flesje waarop iets staat als “Tropical Strength” en dat ontegenzeggenlijk geestverruimend werkt. Je denkt dat je kunt vliegen, vandaar waarschijnlijk de naam “Vliegendans”. In beide handen houd je een doekje, maar het schijnt ook heel goed met stukjes keukenpapier te kunnen. Daarbij sla je voortdurend met de doekjes tegen de kastdeurtjes, het plafond, de tafel, of wat er maar in je buurt is. Het lijkt weinig uit te maken, zolang je maar denkt dat er boze geesten of ander vliegend ongedierte verdreven worden. Soms, als je denkt dat het ritueel beëindigd is, begint ze weer helemaal opnieuw, totdat ze uitgeput neerstort. In het begin maakte ik me zorgen. Dit houdt een normaal mens niet vol. Maar tegenwoordig zoek ik dekking in het toilet. Als ik weer tevoorschijn durf te komen begint het meestal al aardig te luwen.
Er zijn zodoende toch dingen waarover ik mij al zorgen begin te maken.
Intussen ben ik ook op zoek naar dingen na St.P. Helsinki doet mij het licht nog niet branden. Stockholm lijkt toch een alleraardigste plaats met een hoop leuke dingen. Voorlopig is mijn favoriet een bezoek aan het Wasa-museum.
15-01-2008: Sint Petersburg (2)
Dat is vreemd, waar is dan het artikel Sint Petersburg (1)? Dat is er niet, maar als ik straks een verslag ga maken komt voor St.P.(2) het berichtje Nieuwe plannen. Dit voordat ik er vragen over krijg.
De voorbereidingen zijn gestart. De eerste opdracht is het vinden van een hotel voor ons verblijf in St.P. Wij hebben gekozen voor het Pribaltiyskaya Hotel. Het is een van de grootste hotels, maar het ligt aan de westkant van de stad. Het kijkt uit over de Finse Golf en heeft zo te zien veel parkeermogelijkheden, waaronder bewaakte of tenminste tegen betaling. Je zit met twintig minuten in de stad, maar ik weet zo even niet of dat met bus of metro is, of met taxi of te voet. Ik heb trouwens gelezen dat je niet zomaar in een taxi moet stappen voor het hotel en ook niet in eentje met een meter. Beide opties zijn duurder dan de taxi om de hoek, waarmee je van tevoren een prijs afspreekt.
Ik had een webformulier ingevuld om het hotel te reserveren, maar ik kreeg geen reactie. Ik heb vanmorgen maar even rechtstreeks met het reserveringsbureau in St.P. gebeld. Alles lijkt in orde. Hij had de goede aanvraag voor zich, want hij wist dat ik had gevraagd om een parkeermogelijkheid voor een motorhome. Dat geeft goede hoop. Ik krijg over een aantal dagen een bevestiging.
Ik heb intussen een hoop adressen gevonden van boerderijen in het noordoosten van Polen waar je leuk kunt kamperen bij de boer. Je moet er wel bij daglicht aankomen anders ga je het niet vinden. En als je ter plaatse naar het adres vraagt moet je de voornaam van de boer noemen anders weet niemand over wie je het hebt. Trouwens, niemand weet ook op welk adres die boer eigenlijk woont. Je moet dus vragen naar Klaas van Willem, maar dan in het Pools. Misschien is het leuk om daar een extra dag te blijven het schijnt wel een mooie omgeving te zijn en op zo'n boerderij is het altijd wel gezellig.
Dan kunnen we misschien beter een eerste stop maken vlak voor Berlijn op een "gewone" camperplek, dan even via Berlijn door te rijden naar Podznań en omgeving en een dag later naar het oosten. Je hebt dan lekker de tijd om een locatie te zoeken. Een adres in de omgeving Podznań heb ik ook nog niet, maar dat gaat vast lukken.
Ik zag dat ACSI ook overzichten heeft van campings in de Baltische staten. Dat gedeelte gaat helemaal goedkomen. Ik zal de ACSI-inspecteur eens bellen om te vragen of je die moet reserveren.
Ik heb intussen gebeld met de ziektekostenverzekering of onze verzekeringen ook dekking geven in Rusland. Dat is geen enkel probleem. Als je een week van tevoren je buitenlandverklaring opvraagt is alles rond.
Ik heb ook gebeld met de autoverzekering. Hoewel het niet op de groene kaart staat zijn wij ook verzekerd in Rusland. Ik heb om een schriftelijke bevestiging gevraagd. Eerlijk gezegd vertrouw ik dat niet zomaar.
De voorbereidingen zijn gestart. De eerste opdracht is het vinden van een hotel voor ons verblijf in St.P. Wij hebben gekozen voor het Pribaltiyskaya Hotel. Het is een van de grootste hotels, maar het ligt aan de westkant van de stad. Het kijkt uit over de Finse Golf en heeft zo te zien veel parkeermogelijkheden, waaronder bewaakte of tenminste tegen betaling. Je zit met twintig minuten in de stad, maar ik weet zo even niet of dat met bus of metro is, of met taxi of te voet. Ik heb trouwens gelezen dat je niet zomaar in een taxi moet stappen voor het hotel en ook niet in eentje met een meter. Beide opties zijn duurder dan de taxi om de hoek, waarmee je van tevoren een prijs afspreekt.
Ik had een webformulier ingevuld om het hotel te reserveren, maar ik kreeg geen reactie. Ik heb vanmorgen maar even rechtstreeks met het reserveringsbureau in St.P. gebeld. Alles lijkt in orde. Hij had de goede aanvraag voor zich, want hij wist dat ik had gevraagd om een parkeermogelijkheid voor een motorhome. Dat geeft goede hoop. Ik krijg over een aantal dagen een bevestiging.
Ik heb intussen een hoop adressen gevonden van boerderijen in het noordoosten van Polen waar je leuk kunt kamperen bij de boer. Je moet er wel bij daglicht aankomen anders ga je het niet vinden. En als je ter plaatse naar het adres vraagt moet je de voornaam van de boer noemen anders weet niemand over wie je het hebt. Trouwens, niemand weet ook op welk adres die boer eigenlijk woont. Je moet dus vragen naar Klaas van Willem, maar dan in het Pools. Misschien is het leuk om daar een extra dag te blijven het schijnt wel een mooie omgeving te zijn en op zo'n boerderij is het altijd wel gezellig.
Dan kunnen we misschien beter een eerste stop maken vlak voor Berlijn op een "gewone" camperplek, dan even via Berlijn door te rijden naar Podznań en omgeving en een dag later naar het oosten. Je hebt dan lekker de tijd om een locatie te zoeken. Een adres in de omgeving Podznań heb ik ook nog niet, maar dat gaat vast lukken.
Ik zag dat ACSI ook overzichten heeft van campings in de Baltische staten. Dat gedeelte gaat helemaal goedkomen. Ik zal de ACSI-inspecteur eens bellen om te vragen of je die moet reserveren.
Ik heb intussen gebeld met de ziektekostenverzekering of onze verzekeringen ook dekking geven in Rusland. Dat is geen enkel probleem. Als je een week van tevoren je buitenlandverklaring opvraagt is alles rond.
Ik heb ook gebeld met de autoverzekering. Hoewel het niet op de groene kaart staat zijn wij ook verzekerd in Rusland. Ik heb om een schriftelijke bevestiging gevraagd. Eerlijk gezegd vertrouw ik dat niet zomaar.
15-01-2008: Weerstation
Degene die ons verhaal heeft gelezen over La Mancha weet dat we helemaal gek zijn geworden van een weerstation.
We hebben wat eisen op een rijtje gezet. Hij moest aangeven de temperatuur binnen en buiten, de luchtvochtigeheid en wat ik zelf belangrijk vind is de barometerstand en de trend over de afgelopen uren of dagen. Het zou misschien aardig zijn om de windrichting en de snelheid te meten, maar op een mobiel weerstation als de Blue Bird is dat een verloren wedstrijd. Tenzij je wilt weten hoe hard je rijdt ten opzichte van de buitenlucht. Nee daar heb je echt niets aan. En een eis was dat het een betaalbaar ding zou moeten zijn, want we hebben er geen ervaring mee en het is niet meer dan een geintje.
Een zoektocht op het internet maakt je al gauw wijzer. We zochten ons een aardig dingetje uit en vorige week kwam het aan.
Je gaat zo'n apparaat eerst thuis in de huiskamer uitproberen. Dat is tenminste de bedoeling, maar er zitten geen batterijen bij. Hoe laat is het, half negen, nog gauw even naar de Gamma. Als je dan thuis komt blijkt dat je wel de batterijen voor het basisstation hebt meegebracht, maar dat in de buitensensor nog weer andere batterijen moeten. Inmiddels is de Gamma wel dicht. Dan moet dus de afstandsbediening van de televisie eraan geloven.
Leuk is het wel. Je zit op je bankstelletje te kijken hoe snel het buiten afkoelt en de luchtdruk maakt een soort van snoekduik, want er passeert net een depressie. Het is nog leuker dan televisie kijken. Dat komt goed uit, want de afstandbediening van de t.v. doet het toch niet meer.
Maar ja, hij moet wel in de bus. Je moet nog zorgvuldig nadenken over een leuke plek, want je moet er natuurlijk wel op kunnen kijken. Niet boven de kookplaat, niet achter de (toekomstige) t.v., kijk uit dat de bevestigingsschroef niet aan de andere kant van de wand naar buiten komt in de kast of in het toilet. Dat laatste is dan wel gemakkelijk om je jas aan op te hangen, maar het blijft slordig. Enfin. ik heb een mooi plekje gevonden.

Hij zit nu naast de bedieningskast tegen de zolder. Een mooi plekje. Nou nog een plaats voor de buitensensor. Ik heb hem voorlopig maar eens aan de binnenkant van het fietsenrek gebonden met een plastic zakje eromheen. Het is dan wel een buitensensor, maar hij kan blijkbaar niet zo goed tegen vocht. Maar ik heb toch wat gaatjes in het zakje gemaakt om te kunnen luchten. En om condens of lekwater te laten weglopen. Niet ideaal, maar we proberen het maar eens uit.
Er is natuurlijk een handicap die ik op de koop toe moet nemen. Als we rondtrekken en vooral als we door de bergen gaan, dan heeft de barometer het moeilijk. Het functioneert dat meer als hoogtemeter dan als barometer. Hij zal wel behoorlijk in de war raken en de eerste uren niet meer weten of het nou stijgt of daalt met de luchtdruk. We zullen het wel zien.
We hebben wat eisen op een rijtje gezet. Hij moest aangeven de temperatuur binnen en buiten, de luchtvochtigeheid en wat ik zelf belangrijk vind is de barometerstand en de trend over de afgelopen uren of dagen. Het zou misschien aardig zijn om de windrichting en de snelheid te meten, maar op een mobiel weerstation als de Blue Bird is dat een verloren wedstrijd. Tenzij je wilt weten hoe hard je rijdt ten opzichte van de buitenlucht. Nee daar heb je echt niets aan. En een eis was dat het een betaalbaar ding zou moeten zijn, want we hebben er geen ervaring mee en het is niet meer dan een geintje.
Een zoektocht op het internet maakt je al gauw wijzer. We zochten ons een aardig dingetje uit en vorige week kwam het aan.
Je gaat zo'n apparaat eerst thuis in de huiskamer uitproberen. Dat is tenminste de bedoeling, maar er zitten geen batterijen bij. Hoe laat is het, half negen, nog gauw even naar de Gamma. Als je dan thuis komt blijkt dat je wel de batterijen voor het basisstation hebt meegebracht, maar dat in de buitensensor nog weer andere batterijen moeten. Inmiddels is de Gamma wel dicht. Dan moet dus de afstandsbediening van de televisie eraan geloven.
Leuk is het wel. Je zit op je bankstelletje te kijken hoe snel het buiten afkoelt en de luchtdruk maakt een soort van snoekduik, want er passeert net een depressie. Het is nog leuker dan televisie kijken. Dat komt goed uit, want de afstandbediening van de t.v. doet het toch niet meer.
Maar ja, hij moet wel in de bus. Je moet nog zorgvuldig nadenken over een leuke plek, want je moet er natuurlijk wel op kunnen kijken. Niet boven de kookplaat, niet achter de (toekomstige) t.v., kijk uit dat de bevestigingsschroef niet aan de andere kant van de wand naar buiten komt in de kast of in het toilet. Dat laatste is dan wel gemakkelijk om je jas aan op te hangen, maar het blijft slordig. Enfin. ik heb een mooi plekje gevonden.

Hij zit nu naast de bedieningskast tegen de zolder. Een mooi plekje. Nou nog een plaats voor de buitensensor. Ik heb hem voorlopig maar eens aan de binnenkant van het fietsenrek gebonden met een plastic zakje eromheen. Het is dan wel een buitensensor, maar hij kan blijkbaar niet zo goed tegen vocht. Maar ik heb toch wat gaatjes in het zakje gemaakt om te kunnen luchten. En om condens of lekwater te laten weglopen. Niet ideaal, maar we proberen het maar eens uit.
Er is natuurlijk een handicap die ik op de koop toe moet nemen. Als we rondtrekken en vooral als we door de bergen gaan, dan heeft de barometer het moeilijk. Het functioneert dat meer als hoogtemeter dan als barometer. Hij zal wel behoorlijk in de war raken en de eerste uren niet meer weten of het nou stijgt of daalt met de luchtdruk. We zullen het wel zien.
13-01-2008: Nieuwe plannen
Eigenlijk een heel oud plan, maar nu met de Blue Bird opnieuw tot leven gekomen. Het speelt ons alweer enkele maanden door het hoofd, maar we hebben het steeds onderdrukt omdat we eerst naar Spanje, althans naar de zon, wilden en die trip zou zijn doel voorbij schieten als we al met de volgende trip bezig zijn, nog voordat we goed en wel met de vorige zijn begonnen.
Het plan begint er zo uit te zien:
In bijna twee weken rijden we langs Berlijn, Waszawa, Riga en Tallinn naar Sint Petersburg. Daar blijven we een dag of drie of vier. Dan vertrekken we naar Kotka, Helsinki en verder naar Turku. Daar nemen we de boot naar Stockholm en tuffen rustigaan via Kopenhagen naar huis.
De eerste voorbereidingen bestaan uit het uitzoeken van routes en afstanden en noodzakelijke dingen als visum, internationaal rijbewijs, autoverzekering, ziektekosten. Een van de voorwaarden is dat we een hotel kunnen vinden in Sint Petersburg. We willen niet door de stad trekken in de blauwe bus en 's avonds weer terug naar een standplaats, die er waarschijnlijk niet eens is. Bovendien is het redelijk aantrekkelijk als je na twee weken eens even lekker kan douchen. Nou ja, we praten het ons ook een beetje aan, maar we hebben in elk geval geen zin om Sint P. vanuit de Blue Bird te doen. Een redelijk hotel met een goede parkeerplaats is een voorwaarde. En ook niet onbelangrijk, je krijgt pas een visum voor Rusland als je een bewijs hebt dat je een verblijfplaats hebt. Dat is met een camper al wat moeilijker.
Opvallend is dat er in de tijd waarover wij denken tamelijk weinig plek is in de hotels. Ze zijn allemaal al vrij vol bezet. Maar wij hebben ons oog laten vallen op een van de grootste hotels in de stad, aan de Finse Golf. Van daaruit kan je redelijk gemakkelijk de stad bezoeken, maar je zit in een wat rustiger hoek en met ruime veilige danwel bewaakte parkeerplaatsen. We hebben een aanvraag verstuurd, dus het is even afwachten. Als dat gaat lukken gaan we echt de remmen losgooien.
Vandaag heb ik al een partij boeken en kaarten ingeslagen.

In dit stadium kunnen we nog ontsnappen door de hele tocht af te blazen. Maar we weten ook dat als je echt met zo'n idee aan de gang gaat dat het steeds duidelijker wordt dat het echt te doen is, dat het echt kan.
Zo gaat de route er ongeveer uitzien.

We doorkruisen deze landen: Nederland, Duitsland, Polen, Belarus, Litouwen, Letland, Estland, Rusland, Finland, Zweden, Denemarken en weer terug via Duitsland naar Nederland. Dat zijn elf verschillende landen. Daarbij is Rusland natuurlijk geen EEG-land, en Belarus volgens mij ook niet, dus die laatste slaan we misschien over.
Het plan begint er zo uit te zien:
In bijna twee weken rijden we langs Berlijn, Waszawa, Riga en Tallinn naar Sint Petersburg. Daar blijven we een dag of drie of vier. Dan vertrekken we naar Kotka, Helsinki en verder naar Turku. Daar nemen we de boot naar Stockholm en tuffen rustigaan via Kopenhagen naar huis.
De eerste voorbereidingen bestaan uit het uitzoeken van routes en afstanden en noodzakelijke dingen als visum, internationaal rijbewijs, autoverzekering, ziektekosten. Een van de voorwaarden is dat we een hotel kunnen vinden in Sint Petersburg. We willen niet door de stad trekken in de blauwe bus en 's avonds weer terug naar een standplaats, die er waarschijnlijk niet eens is. Bovendien is het redelijk aantrekkelijk als je na twee weken eens even lekker kan douchen. Nou ja, we praten het ons ook een beetje aan, maar we hebben in elk geval geen zin om Sint P. vanuit de Blue Bird te doen. Een redelijk hotel met een goede parkeerplaats is een voorwaarde. En ook niet onbelangrijk, je krijgt pas een visum voor Rusland als je een bewijs hebt dat je een verblijfplaats hebt. Dat is met een camper al wat moeilijker.
Opvallend is dat er in de tijd waarover wij denken tamelijk weinig plek is in de hotels. Ze zijn allemaal al vrij vol bezet. Maar wij hebben ons oog laten vallen op een van de grootste hotels in de stad, aan de Finse Golf. Van daaruit kan je redelijk gemakkelijk de stad bezoeken, maar je zit in een wat rustiger hoek en met ruime veilige danwel bewaakte parkeerplaatsen. We hebben een aanvraag verstuurd, dus het is even afwachten. Als dat gaat lukken gaan we echt de remmen losgooien.
Vandaag heb ik al een partij boeken en kaarten ingeslagen.

In dit stadium kunnen we nog ontsnappen door de hele tocht af te blazen. Maar we weten ook dat als je echt met zo'n idee aan de gang gaat dat het steeds duidelijker wordt dat het echt te doen is, dat het echt kan.
Zo gaat de route er ongeveer uitzien.

We doorkruisen deze landen: Nederland, Duitsland, Polen, Belarus, Litouwen, Letland, Estland, Rusland, Finland, Zweden, Denemarken en weer terug via Duitsland naar Nederland. Dat zijn elf verschillende landen. Daarbij is Rusland natuurlijk geen EEG-land, en Belarus volgens mij ook niet, dus die laatste slaan we misschien over.
06-01-2008: La Mancha 2007 / 2008
--> Alle foto's
Op eerste kerstdag vertrokken we met de Blue Bird richting Spanje, of in elk geval naar "waar de zon schijnt". We kwamen uiteindelijk terecht in het land van Don Quixote, of zo u wilt Don Quichot, in La Mancha.
Kijkt u naar onze foto's en lees ons verslag. Het kan even duren voordat u het binnen hebt; het is ruim 2 MB groot. Maar het is dan ook weer twintig bladzijden lang.
Zo zag onze oudejaarsdag van 2007 eruit:

Deurtjes open, tafeltje buiten, lunch in Spanje! Wij hadden het naar onze zin. Enfin leest u het zelf maar in ons verslag.
Op eerste kerstdag vertrokken we met de Blue Bird richting Spanje, of in elk geval naar "waar de zon schijnt". We kwamen uiteindelijk terecht in het land van Don Quixote, of zo u wilt Don Quichot, in La Mancha.
Kijkt u naar onze foto's en lees ons verslag. Het kan even duren voordat u het binnen hebt; het is ruim 2 MB groot. Maar het is dan ook weer twintig bladzijden lang.
Zo zag onze oudejaarsdag van 2007 eruit:

Deurtjes open, tafeltje buiten, lunch in Spanje! Wij hadden het naar onze zin. Enfin leest u het zelf maar in ons verslag.
Abonneren op:
Posts (Atom)